... meer over botten |
Toch bestaat ook bot uit organisch materiaal. Vroeg of laat vervalt het, tenzij het bot fossiel wordt. Maar dat is slechts zelden het geval.
Herkomst van botten op het strand
Aan de kust worden relatief veel botten gevonden. Anders dan vaak wordt gedacht, zijn de meeste botten die op het strand worden gevonden niet van dolfijnen of zeehonden, maar van paarden, koeien en andere huisdieren. Het gaat vaak om slachtafval dat van schepen overboord is gegooid. Bij sommige botten zijn duidelijk haksporen te herkennen.
Naast slachtafval worden ook botten gevonden van huisdieren die in de kustregio zijn doodgegaan. De kustlijn is door de eeuwen heen niet altijd hetzelfde geweest. In het verleden heeft de zee meer landinwaarts gelegen, zie link: Nederland tijdens het Holoceen>>
| Soms worden op het strand fossiele botten gevonden. Dat zijn meestal botten van dieren uit de laatste ijstijd, zoals de wolharige mammoet, de wolharige neushoorn, de steppewisent en het reuzenhert. De Noordzee lag toen grotendeels droog. Het gebied maakte deel uit van de zogenaamde mammoetsteppe. Zie voor meer informatie: webthema de mammoet>>
Op een aantal plekken worden wat vaker fossiele botten gevonden, zoals bij Hoek van Holland, Cadzand en op het strand van De Kaloot. Daar komen voor de kust oude fossielrijke aardlagen voor die dicht onder het oppervlak liggen. Door de branding en door zeestromingen worden deze afzettingen in zee omgewoeld en kunnen de fossielen op het strand aanspoelen. |
|
Beetje voorzichtig ...
Een bot zonder vleesresten uit zee kan weinig kwaad, zo'n bot is redelijk schoon. Dat gaat meestal ook op voor botten die je vindt in droog en schoon zand. Maar je zult begrijpen dat je een bot met resten, of een bot waar letterlijk een luchtje aan zit, beter kan laten liggen.
Fossiel of niet
Slechts in een zeldzaam geval wordt een bot fossiel. Eerst moet het onder sediment (laag zand of slib) bedekt raken. Zo is het veilig afgesloten van de lucht en van aaseters. In de bodem kan het bot langzaam maar zeker doordrongen raken met mineralen die door het grondwater worden aangevoerd. Daardoor kan het bot stapje voor stapje verstenen.
De mate van verstening kan een indicatie zijn voor hoge ouderdom, maar dat hoeft niet altijd zo te zijn. Over het algemeen zijn fossiele botten een stuk zwaarder dan recente (verse) botten, maar er zijn allerlei tussenstadia. Botten van uitgestorven zoogdieren zoals de mammoet hebben per definitie een hoge ouderdom. Bij botten van dieren die nog steeds leven (edelhert, paard) is dat weer moeilijker te zeggen, ook al zien ze er oud uit. De vlamtest kan dan uitkomst bieden. Een vers bot gaat stinken als je er even een aansteker onder houdt, een fossiel bot niet.
|
|
Het fossiele middenhandsbeen van een paard (foto links) weegt 530 gram en is bijna twee keer zo zwaar als het recente middenhandsbeen van een huisrund (foto rechts) van 290 gram. De kleur van een bot is geen betrouwbaar kenmerk. Een fossiel bot kan een mooie glimmende bruine of zwarte kleur hebben, maar ook recente botten zijn vaak verkleurd. Zo zijn recente botten die een tijdje in zee hebben gelegen vaak zwart. Ze worden vaak weer een stuk lichter naarmate ze opdrogen. Fossiele botten uit kalksteen zijn juist licht van kleur. |
Verschillende kanten
Evenals een skelet, heeft ook een bot verschillende kanten. Ze worden als volgt benoemd:
- rugzijde = dorsaal
- buikzijde = ventraal
- neuszijde = rostraal
- staartzijde = caudaal
- binnenzijde = mediaal
- zijkant (buitenzijde) = lateraal
Daarnaast heeft een bot een proximaal en een distaal uiteinde. Het proximale uiteinde is de naar de lichaamsas (wervelkolom) toegekeerde kant. Het distale uiteinde is juist van de lichaamsas afgekeerd. Het proximale uiteinde van het scheenbeen sluit dus aan op het distale uiteinde van het dijbeen.
Interne links
Voor meer informatie over botten en skeletten in deze website, zie:
Determinatie botten dassenburcht>>
Artikel over botten en gewrichten>>
Webthema kiezen determineren>>