Home

Overblijfselen van de dodo

Dat we zo weinig over het uiterlijk van de dodo weten komt mede doordat er geen complete skeletten zijn overgeleverd. Het is eigenlijk verbazingwekkend hoe weinig er bewaard blijft van een dier dat algemeen was en dat tot ver in de zeventiende eeuw door de mens werd bejaagd. Hoe dan ook, de dodo heeft niet veel resten nagelaten.

Uit de botten van twee individuen samengesteld skelet in het Mineralogisch en Geologish Museum van de Technische Universiteit Delft. De rode botten zijn origineel. © TU Delft

Botten in musea

De collectie van het University Zoological Museum in Oxford bevat een kop en een poot, het Natural History Museum in London heeft een poot, in Kopenhagen ligt een kop en verschillende musea in Europa, op Mauritius en in de Verenigde Staten bewaren incomplete skeletten in de collectie. Museum Naturalis in Leiden heeft enkele losse dodo-botten, die net als bijna alle dodoresten zijn opgegraven in het moeras Mare aux Songes op Mauritius. In enkele musea zijn wel skeletmontages van de dodo te zien, maar hiervoor zijn botten van verschillende individuen samengevoegd. Het gaat dus niet om complete skeletten van één individu. Het skelet dat bewaard wordt in het Mineralogisch en Geologisch Museum van de Technische Universiteit Delft is bijvoorbeeld samengesteld uit de botten van minstens twee individuen. 


Vindplaats

De dodo-botten die in musea te vinden zijn, werden rond 1865 opgegraven in het laaglandmoeras Mare aux Songes in het zuidoosten van Mauritius. In dat jaar werd de veenlaag van het gebied afgegraven. George Clark, onderwijzer en geïnteresseerd in de dodo, verzamelde de botten die hierbij te voorschijn kwamen. Nog steeds worden op deze plek veel botten gevonden.


Opgezette dodo's

Vóór deze opgraving waren alleen een kop en een voet in Oxford, een voet in Londen, en een schedel in Kopenhagen en in Praag bekend. Vaak is niet precies duidelijk waar deze overblijfselen vandaan komen maar het is waarschijnlijk dat de botten van vóór 1865 deel uitgemaakt hebben van opgezette dodo's. In de zeventiende eeuw was er weinig bekend over het opzetten van dieren. Meestal werden de beesten gewoon volgepropt met stro. Een vroege melding van een opgezette dodo wordt gedaan in een catalogus van het Tradescants museum in Oxford in 1656. Er wordt melding gemaakt van 'a dodar from the island of Mauritius'. De collectie van dit museum ging over naar Elias Ashmole, de grondlegger van het Ashmolean Museum in Oxford. Tot 1755 bleef de dodo in ieder geval in bezit van dit museum. Later zijn alleen de kop en een voet bewaard gebleven. Het verhaal gaat dat het opgezette dier zo door motten aangevreten was dat het verbrand moest worden.
Ook in de collectie van Rudolf II in Praag is een opgezette dodo aanwezig geweest. In de inventaris van de collectie wordt een walgvogel (een van de Nederlandse namen voor de dodo) genoemd. Vandaag de dag wordt er in Praag nog een schedel van een dodo bewaard. Het zou kunnen dat het om de schedel van de opgezette dodo gaat maar dat is niet zeker.
Waarschijnlijk zijn er ook in Nederland opgezette dodo's geweest, hoewel harde bewijzen ontbreken. Volgens eigen zeggen heeft Carolus Clusius in 1605 een voet van een dodo gezien in het huis van professor Peter Paauw in Leiden. Bij iemand anders zou hij twee stenen uit de maag van een dodo gezien hebben. Het is niet bekend waar deze overblijfselen van de dodo zijn gebleven.


Eerste dodo-biografie

In 1848 verschijnt het boek The dodo and its kindred van Strickland en Melville. In het boek worden beschrijvingen gegeven van overblijfselen van de dodo, zoals een kop en poten. Ook worden kunstwerken besproken waarop de dodo is afgebeeld. Het verschijnen van dit boek luidt een periode in waarin er meer aandacht komt voor de dodo. Archieven worden nageplozen op vermeldingen van dodo's en er komen schilderijen tevoorschijn waarop het dier is afgebeeld. Een belangrijk boek dus, deze eerste dodo-biografie.

Zijaanzicht van de dodokop, destijds in het Ashmolean museum in Oxford uit: The dodo and its kindred, Strickland en Melville, 1848


Voor-, zij- en achteraanzicht van een dodo-poot van de Universiteit in Oxford. Uit: The dodo and its kindred, Strickland en Melville 1848


Bodem nog lang niet uitgeput

In het moeras Mare aux Songes op Mauritius worden nog steeds veel botten gevonden. Niet alleen van de dodo maar ook van andere uitgestorven dieren. Ook graaft men er plantenresten op. Al deze zaken kunnen meer informatie geven over de leefomgeving van de dodo. Meer over het graafwerk op Mauritius lees je hier


Dit artikel is geschreven door Eline Levering, student Kunstgeschiedenis en Journalistiek en Nieuwe Media aan de Universiteit Leiden.