Home

Planten

Veel plantenfamilies uit Messel worden tegenwoordig gevonden in de tropen en subtropen. Maar niet alleen dit spectrum van soorten is een bewijs voor min of meer tropische omstandigheden in Messel. Er is nog ander bewijs. De planten hadden grote bladeren met rondomlopende randen, die uitliepen in een punt. Daardoor konden ze snel veel water afvoeren. Het meest frequent zijn de bladeren van bladverliezende bomen. Dat komt waarschijnlijk doordat het bos tot de oever kwam en bladeren in het water vielen.

De oorspronkelijke diversiteit van soorten in Messel was, net als in andere vindplaatsen, veel groter dan de fossielen die overgebleven zijn. Veel plantendelen, vooral zij die op de bosbodem vielen, werden afgebroken in het warme, vochtige klimaat voordat zij het meer konden bereiken. In sommige gebieden was de dikke moerasbegroeiing aan die van het aangrenzende ondiepe water een sterke filter. Alleen de kleine delen, zoals blaadjes, zaden, fruit en insecten kwamen in het meer terecht. Veel van de plantengroepen of soorten uit Messel zijn dus alleen bekend van pollenkorrels en sporen, die in groten getale geproduceerd werden. Vanwege hun onafbreekbare celwanden fossiliseerden ze gemakkelijk. Bijzonder is het dat relatief veel bloemen zijn gevonden. Takken met vruchten of zaden, of beide, zijn daarentegen schaars. Dat laatste geldt ook voor grotere plantaardige vondsten, zoals van grote takken, twijgen met naalden eraan en resten van kegels van coniferen.

Klik op het plusje voor een grotere foto

Tak met bladeren van een loofboom