Home

Snoeken

Beensnoeken (Lepisosteidae) en moddersnoeken (Amiidae) zijn lange tijd in dezelfde groep van fossiele vissen geplaatst, de Holostei. Deze groep werd gezien als een overgangsfase tussen de Chondrostei (kraakbeenvissen) en de Teleostei (moderne beenvissen).

Klik op het plusje voor een grotere foto

In Messel zijn de beensnoeken vertegenwoordigd door de soort Atractosteus strausi en de moddersnoeken door de soort Cyclurus kehreri. Samen maken ze de meerderheid van de visvondsten in Messel uit. Huidige been- en moddersnoeken zijn endemisch in veel rivieren in Noord Amerika. Omdat hun skeletten onderscheiden worden door een aantal in vergelijking primitieve eigenschappen, worden ze ook wel levende fossielen genoemd. Het zijn moordzuchtige jagers, in het bijzonder op andere vissen.

Klik op het plusje voor een grotere foto

Een bijzonderheid in Messel is de zeer zeldzame kortsnuitige beensnoek Masillosteus kelleri. Die vertegenwoordigt een hele duidelijke aanpassing, ťťn die bij geen enkele moderne soort beensnoek bekend is. Met zijn korte snuit en overwegend kleine, stompe tanden, was hij waarschijnlijk niet in staat om op vis te jagen. Hij moest zich daarentegen voeden met kleine, minder mobiele dieren, zoals kreeftachtigen, wormen, slakken en andere ongewervelden.