Home

Celbehoud

Een cel kan alleen overleven als zijn intern milieu in balans is. Raakt die balans verstoord, dan kan de cel niet goed functioneren en gaat de cel dood. Een cel schept zelf zijn optimale, chemische condities. Enerzijds worden gevaarlijke stoffen door het celmembraan tegengehouden. Anderzijds werkt de cel afvalstoffen die binnen bij de levenprocessen ontstaan de cel uit en neemt de cel bouw- en brandstoffen uit zijn omgeving op. Zo blijft het interne milieu in balans.

Bescherming

Het celmembraan is de fysieke barričre die de cel scheid van zijn omgeving. Het celmembraan bevat poriën, membraaneiwitten, die de inwendige omstandigheden in stand houden door stoffen in en uit de cel te transporteren. Zo blijven de omstandigheden voor de processen in de cel gehandhaafd. Daarnaast zijn er ook binnenin de cel talloze fysieke barrieres in de vorm van een membraan. Zo kunnen binnen de organellen processen plaatsvinden die niet in het interne milieu van de cel uitgevoerd kunnen worden.

Zuurgraad en osmotische druk

Eiwitten in het celmembraan beschermen de celinhoud door een constante zuurgraad van de celvloeistof te behouden en door de osmotische druk te reguleren. Een juiste samenstelling van opgeloste stoffen in het cytoplasma zorgt ervoor dat de cel water uit zijn omgeving opneemt. De waterige oplossing oefent op die manier van binnen een druk uit op het celmembraan. Dit wordt de osmotische druk genoemd. De cel moet voorkomen dat de osmotische druk te groot of te klein wordt. Een te grote druk betekent namelijk dat de cel kan barsten, terwijl een te lage druk betekent dat de cel in elkaar zakt. Doordat het uitwendige milieu steeds verandert, moet de cel voor zijn behoud constant ionen transporteren om niet teveel water kwijt te raken of water op te nemen.
De membraaneiwitten houden de zuurgraad in stand door zuren en water in en uit de cel te verplaatsen. Dat het cytoplasma een ideaal oplosmiddel is voor de stoffen in de cel, dankt het aan een constante zuurgraad. Hierdoor behouden eiwitten hun werkzame vorm en kunnen er geen stoffen afbreken.

De cel houdt met het transport van water en ionen over het celmembraan zijn stevigheid in stand. Door actief ionen op te nemen stroomt water de cel in en kan de celvloeistof door de instroom van water druk uitoefenen op het membraan.
Osmose levert celstevigheid

Voor meer informatie over de cel:
De levende cel - Rondreis in een microscopische wereld, Cristian de Duve
Natuur en Techniek 1987, ISBN: 90-70157-59-4


November 2006