Home

Energievoorziening

Alle celprocessen vragen energie. Deze energie wordt geleverd door mitchondria - de energiecentrales van de cel. Elke cel telt er honderden. De benodigde brandstoffen neemt de cel op uit zijn omgeving. Dit gebeurt via het celmembraan. Brandstoffen reizen via poriën naar binnen of worden opgenomen in blaasjes. De opgenomen brandstoffen worden meteen afgebroken of eerst opgeslagen voor later gebruik. Tijdens de afbraak ontstaan als bijproducten nuttige bouwstenen voor de opbouw van de cel. Nadat alle energie uit de brandstoffen is gehaald, moeten de afvalresten worden opgeruimd om de cel schoon te houden.

De samenwerking van de verschillende organellen zorgt ervoor dat de cel in zijn energiebehoefte kan voorzien.
1. Opname van brandstoffen

Brandstoffen (koolhydraten en vetten) kunnen zowel via poriën als instulpingen in het membraan worden opgenomen. Deze instulpingen vormen blaasjes die de brandstoffen kunnen opslaan of verder afbreken.

2a. Afbraak van vetzuren

Transportblaasjes bevatten soms vetzuren. Dit zijn speciale vetten die niet als brandstof bruikbaar zijn voor de cel. Een cel moet de vetzuren eerst afbreken om er nuttige bouwstoffen uit te halen die de cel kan gebruiken. Blaasjes met vetzuren smelten daarom samen met een peroxisoom waar speciale eiwitten de vetzuren afbreken.

2b. Opslag van brandstoffen

Als de inhoud van de blaasjes brandstoffen bevat, kan deze worden opgeslagen in de vacuole. Niet alle beschikbare brandstoffen die in de cel aanwezig zijn, worden immers direct gebruikt. Desondanks is de voorraad brandstoffen in de vacuoles beperkt, omdat de menselijke cel weinig tot geen vacuoles bevat. Het merendeel van de brandstoffen ligt opgeslagen in de celvloeistof, het cytoplasma.

3. Energieproductie in de cel

De daadwerkelijke energieproductie vindt in het mitochondrion plaats. Daar worden brandstoffen stapsgewijs afgebroken - een proces waarbij energie vrijkomt. Die energie wordt niet meteen gebruikt, maar opgeslagen in stoffen die de energie vasthouden. De cel heeft daardoor steeds een energievoorraad klaarliggen om in de cel te gebruiken wanneer dat nodig is. Tijdens de afbraak van glucose ontstaan er verschillende nuttige koolstofverbindingen die worden gebruikt voor de opbouw van de cel.

4. Verwerking van de afvalstoffen

Bij de energieproductie komen, naast nuttige bijproducten, ook schadelijke stoffen vrij in de cel. Om deze stoffen kwijt te kunnen raken, breekt het lysosoom ze effectief af. Doordat glucose stapsgewijs wordt afgebroken, ontstaan brokstukken van verschillende grootte die als grondstof dienen voor verschillende bouwstenen van de cel.

Voor meer informatie over de cel:
De levende cel - Rondreis in een microscopische wereld, Cristian de Duve
Natuur en Techniek 1987, ISBN: 90-70157-59-4


November 2006