Korfschelpje |

Nederlandse naam
Korfschelpje.
Wetenschappelijke naam
Corbula gibba (Olivi, 1792).
Behoort tot de
Tweekleppigen (Bivalvia).
Belangrijkste kenmerken
Een vrij stevig, driehoekig schelpje met een veel grotere en bollere rechterklep dan linkerklep. De top krult naar binnen en het oppervlak heeft concentrische ribben die dicht op elkaar staan. De linkerklep heeft nauwelijks ribben.
Grootte
Tot 1,3 cm lang en 1 cm hoog.
Kleur
Vers zijn de schelpen bruin of roze, met een dikke bruine opperhuid. Strandmateriaal is meestal wit, geelbruin of blauwgrijs verkleurd.
Voorkomen in Nederland
Plaatselijk komen in de Noordzee zeer grote aantallen voor. Fossiele schelpen spoelen regelmatig aan op de Waddeneilanden en in Zeeland. Vondsten van verse exemplaren komen weinig voor.
Voorkomen in de tijd
De laatste tientallen jaren komt het schelpje ook in de Ooster- en Westerschelde en in de Rotterdamse havenmond voor. Er spoelen vaker doubletten aan.
Leefomgeving
Korfschelpjes leven ingegraven in grof zand in laag water tot grote diepten. Ze hechten zich soms vast aan stenen of schelpen of aan elkaar.
Naamgeving
De vorm van de schelp doet denken aan een korf of mand.
Referenties
|
Nederlandse naamlijst van de weekdieren (Mollusca) van Nederland en België
|
|||||||
| Veldgids Schelpen
Bruyne, R.H. de, 2004. KNNV Uitgeverij; Jeugdbondsuitgeverij. |
|||||||
|
Gids van kust en strand: flora en fauna
|
|||||||
|
Schelpen en andere zeedieren. Zoeken, verzamelen en benoemen
|
|||||||
|
Het Zeepaard
|




