Home

Zoeken

Zoek in 6490 artikelen


    Wijde mantel

    buitenkant binnenkant

     

    Nederlandse naam

    Wijde mantel.

     

    Wetenschappelijke naam

    Aequipecten opercularis (Linnaeus, 1758).

     

    Behoort tot de

    Tweekleppigen (Bivalvia).

     

    Belangrijkste kenmerken

    Een vrij stevige tweekleppige, bestaande uit een platte rechterklep en een iets bollere linkerklep. Aan weerszijden van de top zitten vleugelvormige uitsteeksels (oortjes). Van de top naar de rand lopen duidelijke ribben. De schelp heeft geen slottanden.

     

    Grootte

    Tot 10 cm lang en hoog.

     

    Kleur

    De schelp kan veel verschillende kleuren hebben: van witgeel tot paars. De platte klep meestal lichter dan de bolle.

     

    Voorkomen in Nederland

    Losse kleppen spoelen af en toe aan. In Zeeland worden ook regelmatig verse, jonge exemplaren gevonden. Daarnaast komt de soort op enkele Zeeuwse stranden algemeen voor als fossiel.

     

    Voorkomen in de tijd

    Er spoelen de laatste jaren in Zeeland steeds vaker jonge (kleine) exemplaren aan, meestal vastgehecht aan zeesla of oesters.

     

    Leefomgeving

    Volwassen exemplaren leven plat op de bodem, jonge dieren leven vastgehecht aan allerlei ondergronden. Ze komen in diep en ondiep water voor.

     

    Vergelijkbare soorten

    Er bestaan verschillende soorten mantelschelpen waarvan de grote mantel en de bonte mantel heel af en toe aanspoelen. De bonte mantel is duidelijk te herkennen doordat een van de oortjes heel klein is. De grote mantel is groter dan de andere: tot 18 cm. De oortjes zijn bijna even lang en de rechterklep is bij deze soort veel boller.

     

    Naamgeving

    Mantelschelpen danken hun naam aan de vorm van de schelp die weg heeft van een gespreide mantel. 

     

    Weetjes

    De zintuigen van mantelschelpen zijn in vergelijking met de andere schelpen relatief goed ontwikkeld. Het diertje heeft kleine tentakels met een hele rij oogjes waarmee licht en donker waargenomen kunnen worden. De dieren kunnen met veel kracht de kleppen sluiten en zich dankzij de wegschietende waterstraal snel verplaatsen.

     

    Referenties

    Klik op het plusje voor een grotere foto

    Nederlandse naamlijst van de weekdieren (Mollusca) van Nederland en België
    Bruyne, R.H. de, R.A. Bank, Adema, J.P.H.M.  & F.A. Perk, 1994. Backhuys Publishers.

    Klik op het plusje voor een grotere foto
    Veldgids Schelpen
    Bruyne, R.H. de, 2004. KNNV Uitgeverij; Jeugdbondsuitgeverij.
    Klik op het plusje voor een grotere foto

    Gids van kust en strand: flora en fauna
    Hayward, P., Nelson-Smith, T., Shields, C., Bramall, W. & W.H. de Weerdt, 1999. Tirion Natuur.

    Klik op het plusje voor een grotere foto

    Schelpen en andere zeedieren. Zoeken, verzamelen en benoemen
    Tilburg, M. van & H. Adema, 1994. Uitgave Fontaine. 's-Graveland.

    Klik op het plusje voor een grotere foto

    Het Zeepaard
    En verschillende edities van De Strandvlo, Spirula, en het Correspondentieblad van de Nederlandse Malacologische Vereniging.