Home

Zoeken

Zoek in 6490 artikelen


    Muiltje

    De maten hebben betrekking op volwassen exemplaren. De maten hebben betrekking op volwassen exemplaren.
    buitenkant
    binnenkant

    Nederlandse naam

    Muiltje.


    Wetenschappelijke naam

    Crepidula fornicata (Linnaeus, 1758).


    Behoort tot de 

    Slakken (Gastropoda).


    Belangrijkste kenmerken

    Een vrij stevige schelp met twee zeer kleine windingen aan één kant. De top is omgekruld en de mondopening wordt voor het grootste deel afgedekt door een witte plaat. De vorm kan plat tot zeer hoog zijn.

     

       

     


    Grootte

    Tot 5 cm breed en 2 cm hoog.


    Kleur

    De buitenkant is geelbruin met paarse vlekjes.


    Voorkomen in Nederland

    Vrij algemeen, vooral in Zeeland.


    Voorkomen in de tijd

    Muiltjes komen pas vanaf het eind van de negentiende eeuw in de Noordzee voor, toen oesterkwekers uit Groot-Brittannië oesters uit Noord-Amerika uitzetten om er mee te kweken. Op de oesters zaten muiltjes vast. Het muiltje heeft zich geleidelijk over de Noordzee verbreid. In Nederland is de soort voor het eerst in 1929 waargenomen.


    Leefomgeving

    Muiltjes leven vastgehecht aan een stevige ondergrond zoals stenen en schelpen, in zeewater tot ongeveer 10 meter diepte.

    Muiltje, vastgehecht aan een met zeerasp en pokken begroeide tepelhoren.

     


    Naamgeving

    De binnenkant van de schelp lijkt op een muiltje waarbij alleen het voorste deel van de voet bedekt is. Het muiltje wordt soms ook wel 'slipper' genoemd.


    Weetjes

    Muiltjes beginnen hun leven als mannetje en veranderen dan langzaam van geslacht. Ze zitten vaak met meerdere exemplaren op elkaar, soms met zijn tienen of meer.

     

    Klik op het plusje voor een grotere foto
    Muiltjes vastgehecht op een fossiel paardenbot dat in 2004 is opgevist uit de Oosterschelde.

     

    De bovenste (kleinere) schelpen zijn mannelijk, de onderste (grotere) zijn vrouwelijk en daartussen zitten overgangsvormen. Jonge mannetjes kruipen op het huis van het vrouwtje, dat vervolgens wordt bevrucht. Daarna verandert het mannetje in een vrouwtje. De mannelijke testis ontwikkelt zich als tweeslachtige geslachtsklier en vormt vervolgens een vrouwelijk ovarium.


    Referenties


    Klik op het plusje voor een grotere foto

    Nederlandse naamlijst van de weekdieren (Mollusca) van Nederland en België
    Bruyne, R.H. de, R.A. Bank, Adema, J.P.H.M.  & F.A. Perk, 1994. Backhuys Publishers.

    Klik op het plusje voor een grotere foto

    Veldgids Schelpen
    Bruyne, R.H. de, 2004. KNNV Uitgeverij; Jeugdbondsuitgeverij.

    Klik op het plusje voor een grotere foto

    Gids van kust en strand: flora en fauna
    Hayward, P., Nelson-Smith, T., Shields, C., Bramall, W. & W.H. de Weerdt, 1999. Tirion Natuur.

    Klik op het plusje voor een grotere foto

    Schelpen en andere zeedieren. Zoeken, verzamelen en benoemen
    Tilburg, M. van & H. Adema, 1994. Uitgave Fontaine. 's-Graveland.

    Klik op het plusje voor een grotere foto

    Het Zeepaard
    En verschillende edities van De Strandvlo, Spirula, en het Correspondentieblad van de Nederlandse Malacologische Vereniging.