Home

Bescherming van het centrale zenuwstelsel

Het centrale zenuwstelsel bestaat uit de hersenen en het ruggenmerg. De hersenen zijn een weke substantie, het ruggenmerg is een kwetsbare bundel zenuwweefsel. Hoe wordt dit alles beschermd (bijvoorbeeld tegen stoten of infecties) en bij elkaar gehouden zodat het een leven lang meegaat? 


Het cranium

Het schedeldak



Hersenen en ruggenmerg worden via een drietal bufferzones van de buitenwereld afgeschermd: bot, vliezen en vocht. 


Het schedeldak

De hersenen worden omsloten door een beschermend omhulsel: het schedeldak. Dit is het bovenste afgeronde deel van de schedel. De schedel is opgebouwd uit de aangezichtsschedel en het schedeldak. Het schedeldak bestaat uit acht gewelfde schedelbeenderen die met elkaar verbonden zijn door middel van schedelnaden. Deze schedelnaden zijn bekleed met bindweefsel, kleine bloedvaten, lymfevaten en dunne zenuwvezels. De schedelbeenderen kunnen ten opzichte van elkaar bewegen.
Op zijn beurt wordt het cranium aan de buitenkant weer beschermd door een spierlaag, vet, huid en haren. Dit zijn de eerste schokbrekers; de haren vormen tevens een isolatielaag(je) bij hitte en kou.   




Hersenvliezen

De drie hersenvliezen



De volgende beschermlaag is die van de meningen ofwel hersenvliezen. Hersenvliezen, maar ook de ruggenmergvliezen, zijn onderdeel van het bindweefselsysteem. Bindweefsel is overal in ons lichaam te vinden en houdt ons als het ware bij elkaar: het verbindt alle structuren in het lichaam met elkaar.
Aan de binnenkant van het schedeldak liggen drie lagen hersenvliezen. Het buitenste vlies, de dura mater, is vrij dik en stevig. Het is de voering van het cranium. Het middelste vlies is het spinnenwebvlies en het binnenste vlies, de pia mater, sluit aan op de hersenschors. Tussen de lagen bevindt zich hersenvocht.   

      

                                                
Hersenvocht
 

De hersenen drijven in een kleurloze vloeistof, het hersenvocht. Hersenvocht bevat eiwitten en glucose, maar daarnaast ook lymfocyten. Eiwitten en glucose voorzien de neuronen van energie; lymfocyten gaan eventuele infecties te lijf.

De aanmaak van het hersenvocht gebeurt in met vocht gevulde holtes: de ventrikels ofwel hersenkamers. Bij  volwassenen ongeveer 500 milliliter per dag. Om overdruk te voorkomen lekt er ook langzaam weer hersenvocht weg dat wordt afgevoerd door het bloed. Bij aanmaak neemt de druk op hersenvliezen en schedelbeenderen toe, door weglekken neemt de druk weer af.
Hersenvocht stroomt in een continue ritme van de ventrikels richting stuit en omgekeerd. Via een pompsysteem wordt de circulatie gereguleerd, ongeveer zes tot twaalf keer per minuut. Net als de bloedsomloop en de ademhaling heeft het zijn eigen ritme, als een soort polsslag.


Hersenvocht is op twee manieren van belang bij de bescherming van hersenen en ruggenmerg.


Stootkussen


Het hersenvocht fungeert  letterlijk als stootkussen en beschermt zo de hersenen tegen schokken en stoten. 


Gelijkmatige circulatie

Naast letterlijke bescherming van de kwetsbare delen heeft het hersenvocht een belangrijke functie bij het goed functioneren van de interne stelsels.
Voor het goed functioneren van het centrale zenuwstelsel, en daarmee ook van het autonome en perifere zenuwstelsel, is een gelijkmatige circulatie van het hersenvocht van het grootste belang.
Door de drukschommelingen in de schedel ontstaat een ritmische beweging van de hersen- en ruggenmergvliezen, met als gevolg een uitzetten en inkrimpen van de schedelbeenderen. Wanneer het ritme wordt ontregeld door spanningen in de hersenvliezen, bijvoorbeeld door een ongeluk of ziekte, worden de vliezen en schedelbeenderen in hun bewegingen belemmerd: alles komt 'strak' te staan. Hersenen en ruggenmerg, met andere woorden het centrale zenuwstelsel, kunnen dan minder goed functioneren met als gevolg verstoringen van allerlei lichaamsfuncties.   




Bescherming van het ruggenmerg

Dwarsdoorsnede ruggenmerg



De bescherming van het ruggenmerg gebeurt op dezelfde wijze als bij de hersenen: bot, ruggenmergvliezen -een voortzetting van de hersenvliezen- en hersenvocht, op deze plek ook wel ruggenmergvocht genoemd.
In eerste instantie wordt het ruggenmerg beschermd door de wervelkolom. Vervolgens door de drie lagen ruggenmergvliezen met tussen de lagen het ruggenmergvocht.

Ruggenmergvliezen


Als extra bufferzone heeft het ruggenmerg nog een laag vet en bindweefsel tussen het beenvlies van de wervels en het buitenste vlies.

Hersenvliezen en ruggenmergvliezen plus hersenvocht en ruggenmergvocht zijn één doorlopend systeem. Hersenvocht (90 procent) en ruggenmergvocht (10 procent) samen vormen de cerebrospinale vloeistof (cerebrum = hersenen, medulla spinalis = ruggenmerg).



Augustus 2005
Redactie Natuurinformatie Naturalis
Illustraties Bas Blankevoort