Home

Afstamming van de gorilla

De gorilla is na de chimpansee het nauwst met ons verwant. Meer dan 95% van het DNA van de gorilla is identiek aan dat van de mens. Het DNA van de chimpansee komt waarschijnlijk voor meer dan 99% met dat van ons overeen.

 

 

Dit zogenaamde cladogram toont de huidige visie van biologen op de verwantschap tussen de mens en de grote mensapen. De Afrikaanse mensapen chimpansee en gorilla staan dichter bij de mens dan de orang oetan, een Aziatische mensaap.

Een cladogram is een 'afstammingsboom'. In een cladogram kun je zien hoe verwant sommige dieren of planten onderling zijn.

Paleontologen vermoeden dat de gorilla, de chimpansee en de mens afstammen van dezelfde Afrikaanse voorouder.

Ongeveer acht miljoen jaar geleden splitste de gorilla zich af van de lijn van de chimpansee en de mens (rode bolletje). Men gaat ervan uit dat de chimpansee en de mens tussen de zes en zeven miljoen jaar geleden ieder hun eigen weg gingen.

 

Twee soorten, vier ondersoorten

Volgens de meest recente opvatting van taxonomen bestaat het geslacht Gorilla uit twee soorten:

De westelijke gorilla Gorilla gorilla met de ondersoorten:

  • Gorilla gorilla gorilla
    = de vorm uit de Centraal-Afrikaanse Republiek, Gabon, de westelijke Congo en Equatoriaal Guinee

  • Gorilla gorilla diehli
    = de vorm uit Zuidoost-Nigeria en Kameroen

De oostelijke gorilla Gorilla beringei met de ondersoorten:

  • Gorilla beringei graueri
    = oostelijke laaglandgorilla

  • Gorilla beringei beringei
    = berggorilla

Deze opvatting komt beter overeen met het grote hiaat in verspreiding tussen de gorilla's van West- en Centraal-Afrika.

De berggorilla wordt gezien als een recente afsplitsing van de oostelijke laaglandgorilla.

 

Vroeger dacht men dat de gorilla dichter bij de mens stond dan de chimpansee

In de tweede helft van de 19de eeuw waren biologen deze mening toegedaan. De gedachte dat de gorilla dichter bij de mens stond dan de chimpansee is duidelijk te zien in de bekende stamboom die de 'apenprofessor' Ernst Haeckel (1834-1919) in 1899 publiceerde in zijn boek 'Kunstformen der Natur'.

De gedachten van Haeckel over de relatie tussen de gorilla en de mens waren vooral gebaseerd op anatomische kenmerken en op de interpretatie van de ontwikkeling van het embryo van beide soorten. Haeckel was van mening dat de evolutiegeschiedenis van een soort zich versneld herhaalt in de ontwikkeling van het embryo.

In zijn tijd verwierpen biologen al wel het idee dat de mens van de apen afstamt. Haeckels boom laat duidelijk zien dat men veronderstelde dat de mens en de mensapen voort zijn gekomen uit een gemeenschappelijke 'anthropoďde' (= aapmensachtige) voorouder.

 

In de boom van Haeckel zit de gorilla dichter bij de mens dan de chimpansee.

 

De volledige boom van Haeckel laat de ontwikkeling zien van de allereerste eencelligen tot de mens. De takken zijn splitsingspunten, waar uit bestaande soorten nieuwe diergroepen ontstaan.