Home

Zoeken

Zoek in 0 artikelen


    Hoe vind je dino's? En hoe komen we er alles over te weten?

    Als je op jacht bent naar dino's kun je in bijna elk land terecht, want dino's hebben overal geleefd. Je moet wel in de goede gesteenten zoeken en je moet weten waar je op moet letten. Maar met alleen het opgraven ben je er nog niet. De fossielen moeten ook nog uit het gesteente gehaald worden en dan pas kun je de botten bestuderen.

                      

    Dinosauriėrs waren landdieren die leefden van ongeveer 230 tot ongeveer 65 miljoen jaar geleden. Als je dinobotten wilt vinden moet je gaan zoeken in gesteenten die gevormd zijn op het land of vlak bij de kust, want alleen daar kun je resten van dino's tegenkomen. Verder moeten de gesteenten in de juiste tijd afgezet zijn, want in gesteenten ouder dan zo'n 230 miljoen jaar en jonger dan zo'n 65 miljoen jaar kom je geen dino's tegen. Het moet bovendien het juiste soort gesteente zijn. In bepaalde soorten zandsteen bijvoorbeeld lossen alle botten op, daar blijft zelfs geen afdruk over. Ook in vulkanisch gesteente blijft geen fossiel bewaard.

    Je kunt dinosauriėrs wereldwijd tegenkomen, waar aardlagen aan de oppervlakte komen. Van alle continenten zijn dinosauriėrfossielen bekend. Zelfs op Antarcticakan je hun botten vinden.

    De meeste kans om iets te vinden heb je in door weer en wind verweerde rivierafzettingen in een droge omgeving. Omdat daar nauwelijks planten groeien, ligt het gesteente mooi bloot, en kun je dus eenvoudig grote gebieden afzoeken. Heel beroemde dinovindplaatsen zijn de Gobiwoestijn in Mongoliė, de Midwest van de Verenigde Staten en Canada, gebieden in Argentiniė, en de Sahara.

    Als je eenmaal een dinobot ontdekt hebt, zul je het voorzichtig uit de grond moeten halen. Meestal gebeurt dat door om het bot heen te graven en de bovenkant van het bot te bedekken met een gipsverband. Daarna kan verder gegraven worden tot onder het bot en kan het hele blok, met bot, wat gesteente eromheen en een stevig gipsverband, in zijn geheel meegenomen worden naar het laboratorium.

    In het laboratorium worden de botten uit het gesteente gehaald (vrijgeprepareerd), schoongemaakt en soms verstevigd met een kunststof.

    Als je veel geluk hebt, lagen de botten op de opgraving nog ongeveer zoals ze ooit aan elkaar gezeten hebben. Als je alleen een hoop losse botten hebt, wordt het wat moeilijker. Maar ook dan kun je uitvissen waar het bot in het skelet thuishoort, door goed naar de vorm van de botten te kijken en door de botten met andere dinoskeletten te vergelijken.

    Als je niet alle botten van de dino gevonden hebt, kun je toch vaak een compleet skelet maken. Soms heb je bijvoorbeeld wel de linkerpoot, maar de rechterpoot ontbreekt. Als je de linkerpoot dan in spiegelbeeld namaakt, heb je een rechterpoot. Als je dan nóg botten mist, kun je die bijvoorbeeld namaken van een dino die erg op je 'eigen' dino lijkt.

    Natuurlijk blijven er tijdens het opzetten van een skelet altijd vragen over die niet helemaal te beantwoorden zijn. Soms worden er vergissingen gemaakt en leren we pas na later onderzoek of door nieuwe vondsten hoe we het beter moeten doen.

    Als je eenmaal een skelet in elkaar gezet hebt, kun je de spieren er overheen boetseren. Als je over die spieren een huid aanbrengt, heb je een mooi model van een dino.

    Het is een hoop werk, maar al dat boetseerwerk levert wel een levensecht model van je dino op. Aan de vorm en de randen van de botten kun je zien waar de spieren precies vastgezeten hebben. Je kunt uitrekenen hoe dik de spieren geweest moeten zijn.

                                                 

    We weten soms uit afdrukken hoe de dinohuid eruitzag, dus als de spieren eenmaal op ons model zitten, kunnen we de nagemaakte dinohuid er zo overheen spannen. Alleen jammer dat we niet weten welk verfbusje we moeten opentrekken. De kleur blijft altijd fantasie. Natuurlijk blijven er, behalve over de kleur, nog wel andere vragen over waar we geen antwoord op weten. Want hoe ver liepen de lippen bijvoorbeeld door? Toch hebben we al met al best een aardig idee van het uiterlijk van de meeste dino's.