Home

Hoe groot is de omelet van een dino-ei?

Dat kun je zelf voor ieder dino-ei uitrekenen. Dino-eieren waren er in alle soorten en maten, van bijna rond tot heel langwerpig. Er zijn heel kleine eieren bekend en eieren van meer dan 20 cm lengte. In het ei van Argentinosaurus kon wel 3 liter zitten!

Je kunt voor ieder dinosaurusei uitrekenen hoe groot de koekenpan is die je nodig zou hebben.

                     

Bepaal eerst eens hoeveel milliliter er eigenlijk in een kippenei zit. Dat kun je doen door bijvoorbeeld vijf hele eieren in een litermaat te stoppen en de litermaat daarna te vullen tot het één-liter-streepje (=1000 ml). Haal nu voorzichtig met twee lepels alle eieren weer uit de litermaat (zonder water ernaast te morsen). Kijk hoeveel water er nog in zit.

Het volume van de vijf kippeneieren is dus gelijk aan 1000 -.......... =.......... ml

Het volume van één kippenei is dus gelijk aan.......... : 5 =.......... ml

Dat getal hebben we straks weer nodig. Je had natuurlijk ook direkt de inhoud van één ei kunnen meten, maar door vijf eieren te nemen krijg je een mooi gemiddelde.

Meet nu de koekenpan op die je altijd gebruikt om eieren in te bakken. Meet de afstand van het midden van de pan naar de rand van de bodem. Die afstand noemen we altijd de straal van de pan (of van de cirkel). Vaak korten we dat af als 'r'.

Het oppervlak van de pan (in vierkante centimeter) kunnen we nu berekenen, maar misschien heb je daar een rekenmachine bij nodig. Dat doen we met de formule

pi x r2

pi is een heel speciaal getal dat erg handig is bij het rekenen aan cirkels en bollen. Het is de Griekse letter p en die noemen we 'pi.' Een koekenpan is een cirkel en dus hebben we pi daarbij nodig. De waarde van pi is ongeveer 3,14.

Het hoge tweetje ken je misschien al: dat betekent zoveel als 'vermenigvuldig dit getal met zichzelf'. We moeten dus r (de straal) met zichzelf vermenigvuldigen en dat met pi vermenigvuldigen.

Vul maar in en reken maar uit: het oppervlak van de pan is

3,14 x.......... (de straal) x.......... (de straal) =.......... vierkante centimeter

Hoeveel eieren moet je in die koekenpan bakken om een lekkere omelet te krijgen die niet te dik en niet te dun is? Dan kun je namelijk uitrekenen hoeveel ml ei je in je koekepan kwijt kunt, en dat getal hebben we nodig om uit te rekenen hoe groot de koekenpan voor het dino-ei moet zijn:

Reken maar uit: in je eigen koekenpan heb je .......... eieren x.......... ml =.......... ml nodig om een mooie omelet te bakken.

Een Argentinosaurus-ei bevat wel 3000 ml eistruif. Hoeveel keer meer is dat dan je eigen omelet? 

3000 :.......... =.......... keer zo veel

Je hebt net het oppervlak van je eigen koekenpan uitgerekend. Om een lekkere Argentinosaurus-omelet te bakken heb je dus een......... keer zo groot oppervlak nodig. Even invullen en uitrekenen: 

.......... x.......... =.......... vierkante centimeter.

We weten al dat pi x r2  gelijk is aan het oppervlak van de pan.

r2 kunnen we dus uitrekenen door het oppervlak van de pan door pi te delen: 

.......... (oppervlak pan) : 3,14 =.......... (r2)

Nu hebben we r2, maar we willen weten wat r is. De meeste rekenmachines hebben wel een knopje waarmee je van r2 weer gewoon r kunt maken. Het knopje lijkt op een v met een extra uitsteeksel. Misschien ken je het wel: het heet de 'wortel' van een getal. Druk één keer op het knopje en je krijgt de straal van je dino-koekenpan weer terug. 

Hoe groot is jouw pan? Van de rand naar het midden en van het midden naar de andere rand is 2 x de straal, dus reken maar uit:

van de ene naar de andere rand is 2 x.......... =.......... cm.