Home

Bioluminescentie

Er bestaan veel organismen die licht kunnen uitzenden. Denk bijvoorbeeld aan vuurvliegjes en glimwormen. Dit verschijnsel wordt bioluminescentie genoemd. Het komt vooral voor bij diepzeedieren.
Licht in de duisternis

Bioluminescentie is het produceren van licht door levende organismen. Het komt voor in zowel het planten- als dierenrijk. Het uitgestraalde licht is doorgaans zwak en alleen zichtbaar in het donker. We treffen het aan bij bacteriŽn en eencelligen, maar ook bij koralen, schimmels en hogere organismen. Met name schimmels kunnen 's nachts een spookachtig licht uitstralen. De ook bij ons algemeen voorkomende honingzwam is daar een goed voorbeeld van. Hoger ontwikkelde dieren hebben vaak speciale lichtgevende organen, zogenaamde fotoforen, waarin ze de lichtproductie via het zenuwstelsel reguleren. Op het land komt dit voor bij insecten, bijvoorbeeld bij glimwormen. Bij diepzee- inktvissen en -vissen is het een veel voorkomend verschijnsel. Doorgaans zijn het de fotoforen zelf, die licht produceren, maar er zijn ook soorten met organen waarin dit gebeurt door lichtgevende bacteriŽn.

Luciferine en luciferase

Bioluminescentie is het resultaat van een biochemische oxidatie, het zich chemisch binden met zuurstof, waarbij twee stoffen een speciale rol vervullen, luciferine en luciferase. Bij oxidatie van luciferine komt energie vrij in de vorm van koud licht. Luciferine is een tamelijk stabiele stof. De reactie vindt dan ook niet of nauwelijks spontaan plaats, maar alleen onder invloed van het enzym luciferase. Enzymen zijn zogenaamde biokatalysatoren, eiwitverbindingen die als reactieversneller werken. Het is interessant dat de oxidatiereactie van luciferine alleen in het donker zo verloopt. Bij daglicht vindt de omgekeerde reactie plaats, waarbij juist lichtenergie wordt opgenomen. Bij diepzeedieren die hun leven in volledige duisternis doorbrengen, kan dat uiteraard nooit het geval zijn.

De lichtende zee

Het uitgezonden licht varieert doorgaans van blauwgroen tot geel. We kunnen het waarnemen als een schijnsel, zoals bij bepaalde bacteriŽn en schimmels, of in de vorm van lichtflitsen. Dit laatste gebeurt vooral onder invloed van mechanische prikkels. Een voorbeeld is het lichten van de zee. Dit wordt veroorzaakt door een 's zomer vaak massaal voorkomende eencellige, de zeevonk Noctiluca miliaris. Het lichten treedt vooral op bij krachtige waterbewegingen zoals het breken van golven op het strand of in de boeggolf van een schip. Een ondernemende badgast kan zich 's nachts door een frisse duik in een spookachtig 'gewaad' hullen, en een lichtend voetspoor achterlaten op het natte zand. Een mee naar huis genomen fles zeewater licht vaak uren later nog op, als we hem schudden. Al deze bewegingen bevorderen de menging van het zeewater met zuurstof uit de lucht, wat de genoemde luciferine-oxidatiereactie weer stimuleert.