Home

Carolinaparkiet

De dood van de laatste Carolinaparkieten Conuropsis carolinensis (Linnaeus, 1758) is een droevig verhaal. De vogels Lady Jane en Incas verbleven 32 jaar lang in dezelfde kooi in de dierentuin van Cincinnati. Toen Lady Jane in 1918 overleed volgde Incas binnen een half jaar; een gebroken hart? Maar mogelijk was Incas toch niet de allerlaatste Carolinaparkiet. Tussen 1920 en 1940 zijn er nog meldingen gedaan door mensen die meenden de papegaai gezien te hebben. Waarschijnlijk gaat het hier echter om andere soorten die voor Carolinaparkieten aangezien werden.


Carolinaparkiet

Vorstbestendige papegaai

Aan het begin van de negentiende eeuw kwam de Carolinaparkiet voor van Mexico tot New York. Het was de enige papegaaiensoort die wist te overleven in gebieden met strenge winters. De oprukkende Amerikaanse beschaving vormde de belangrijkste bedreiging. Zijn leefgebied werd door ontbossing verwoest en er werd op uitgebreide schaal jacht op hem gemaakt. Met name de fruittelers doodden de vogels massaal. Een zwerm Carolinaparkieten kon uit 200 tot 300 vogels bestaan. Zo'n groep kon flinke schade aanrichten op een fruitplantage. De laatste wilde Carolinaparkiet was een vrouwtje dat in 1913 bij Orlando in Florida werd gevangen.

purcell
Carolinaparkiet

Museumcollectie

In totaal zijn er meer dan 700 huiden van Carolinaparkieten in musea bewaard gebleven. Eén van de opgezette vogels in het Nationaal Natuurhistorisch Museum stamt uit het begin van de 19de eeuw en maakte deel uit van de privéverzameling van C.J. Temminck. Drie huiden en een skelet komen uit Artis en één is een schenking van het National Museum of Natural History in Washington. Twee exemplaren zijn gekocht bij de handelaar G.A. Frank.

Conure de Caroline
Carolinaparkiet