Home

Trekduif

Als je aan het begin van de 19de eeuw had gezegd dat de trekduif Ectopistes migratorius (Linnaeus, 1766) zou uitsterven, was je ongetwijfeld voor gek uitgemaakt. Ooit was dit immers de meest voorkomende vogel van het Amerikaanse vasteland. Op zoek naar voedsel, vormden de duiven dichte wolken over een lengte van vele kilometers. Zo erg zelfs dat nog steeds verhalen de ronde doen dat de hemel door trekduiven verduisterd werd. Wanneer de vogels landden, braken takken onder hun gewicht en werden bomen zelfs ontworteld. Toch overleed de allerlaatste trekduif op 1 september 1914 in de dierentuin van Cincinnati in de Verenigde Staten. Eerder, omstreeks de eeuwwisseling, was de soort reeds voor het laatst in het wild waargenomen.


Trekduif

Fanatiek bejaagd

De trekduif werd fanatiek bejaagd. Van één jachtwedstrijd weten we dat de winnaar meer dan 30 duizend vogels nodig had om de hoofdprijs op te strijken. Honderdduizenden vogels werden geschoten of doodgeslagen. Rond 1870 werden nog grote aantallen gemeld, maar nog geen tien jaar later kwamen de vogels alleen nog maar in kleine groepen voor. Toch kan de trekduif niet direct door overbejaging zijn uitgeroeid. Toen hun aantal afnam was de jacht lang niet meer zo interessant. Sommige wetenschappers zijn van mening dat de soort voor zijn overleven was aangewezen op het leven in groepen van een minimale grootte. Toen de groepen kleiner werden, was de trekduif gedoemd om te verdwijnen.

purcell
Trekduif

Museumcollectie

Meestal zijn van uitgestorven diersoorten slechts enkele opgezette exemplaren in musea bewaard gebleven. De trekduif vormt daarop een uitzondering. Meer dan 1500 huiden en skeletten zijn er overgebleven. Het Nationaal Natuurhistorisch Museum bezit er elf. Sommige daarvan maakten al deel uit van de oorspronkelijke collectie van het museum, andere werden in de loop van de 19de eeuw verkregen, o.a. via de beroemde Amerikaanse ornithologen Thure Kumlien en John Cassin.