Home

Levende fossielen

Dagelijks vinden we fossielen van dieren die nog voorkomen. Dat is heel normaal. Maar soms vinden we een levend dier dat we alleen van fossielen kenden. Dan spreken we van een levend fossiel.

Iedere geologische periode heeft zo zijn eigen flora en fauna. Vandaag de dag leven er andere soorten op aarde dan in de tijd van de dinosauriŽrs. Soms komen we echter soorten tegen, die helemaal niet in de huidige fauna lijken te passen. Vaak zijn het planten of dieren die we wel fossiel kenden, maar waarvan we niet wisten dat er nog exemplaren van in leven waren. Dergelijke diersoorten worden 'levende fossielen' genoemd. Het zijn de overlevenden van vroegere werelden die om ťťn of andere reden niet uitgestorven zijn. Vaak wisten ze te overleven in kleine gebiedjes, waar in de loop van de tijd kennelijk weinig was veranderd. Dergelijke toevluchtsoorden noemen we refugia.

Latimeria

Een beroemd voorbeeld van een levend fossiel is de kwastvinnige vis Latimeria. Het eerste exemplaar van deze vis werd in 1938 bij Madagaskar gevangen op circa 75 meter diepte. Tot dan toe nam men aan dat de kwastvinnigen uitgestorven waren. Kwastvinnigen danken hun naam aan een kleine, kwastvormige vin halverwege hun achtervin. De eerste kwastvinnigen verschenen halverwege het Devoon, circa 380 miljoen jaar geleden. Ze zijn voor wetenschappers met name interessant, omdat ze nauw verwant zijn met de zoetwatervissen waaruit de eerste amfibieŽn zijn ontstaan.

Kwastvinnige
Kwastvinnige

De eerste kwastvinnigen leefden zowel in zoet als in zout water. Uit het MesozoÔcum kennen we allerlei vormen die met name in ondiepe zeeŽn leefden. Aan het eind van het Krijt (65 miljoen jaar geleden) leek de groep te zijn uitgestorven. Toen in 1938 Latimeria werd ontdekt, bleek echter dat ťťn soort in diep water had weten te overleven.

Degenkrab en Lingula

De degenkrab is een ander levend fossiel. Deze dieren leven in de westelijke Atlantische Oceaan en in de westelijke Stille Oceaan. Degenkrabben zijn geen echte krabben, maar verwant met de spinnen, mijten en schorpioenen. Fossiel zijn ze bekend van zo'n 300 miljoen jaar geleden. Met name de Duitse vindplaats Solnhofen (140 miljoen jaar geleden) heeft een aantal prachtige fossielen van degenkrabben opgeleverd. Aan deze fossielen is goed te zien dat de huidige degenkrab al die tijd nauwelijks is veranderd.

Ook de brachiopode Lingula zouden we een levend fossiel kunnen noemen. Dit geslacht kennen we van fossielen van zo'n 400 miljoen jaar oud. Nauw verwante vormen waren er al 550 miljoen jaar geleden.

Ginkgo

Ginkgo biloba
Ginkgo biloba

Niet alleen dieren kunnen levende fossielen zijn. Eťn van de beroemdste levende fossielen is een boom, de Ginkgo Ginkgo biloba. De ginkgo kwam van nature alleen nog maar voor in het zuidoosten van China. Daar werd hij in de 17de eeuw door Europeanen ontdekt. De boom is ingevoerd in West-Europa, en is in Nederland terug te vinden in sommige parken en langs lanen.

Fossiele bladeren van ginkgo-achtige planten uit het Vroeg MesozoÔcum zijn bijna niet van die van de recente boom te onderscheiden.