Home

De aarde als magneet

De naald van ons kompas wijst altijd naar het noorden. Dat komt omdat het ijzer van die magnetische naald reageert op de ijzeren kern van de aarde. Door diezelfde kern gedraagt de aarde zich ook als een soort magneet. Moeder Aarde heeft dus dezelfde eigenschappen als een kompasnaald.
Moeder Magneet

Waarom de aarde magnetisch is heeft te maken met haar ijzeren kern, om precies te zijn de buitenkern. Door de hitte daar is het ijzer vloeibaar en constant in beweging. Die beweging wekt de elektriciteit op die het aardmagnetisch veld veroorzaakt. De buitenkern van onze planeet werkt dus net als een grote dynamo. Het aardmagnetisch veld ziet er hetzelfde uit als het veld rondom een willekeurige magneet. Hij bestaat uit magnetische lijnen die bij de noordpool in de aarde verdwijnen, om bij de zuidpool weer op te duiken. Alleen reikt zijn invloed wat verder dan die van onze kompasnaald. De zogenaamde magnetosfeer strekt zich uit tot meer dan 50.000 kilometer in de ruimte. Hij beschermt ons tegen het constante bombardement van hoog-energetische deeltjes, afkomstig van de zon. Die deeltjes kunnen alleen nog via de trechters in de magnetosfeer boven de polen de aarde binnendringen en zo het noorderlicht veroorzaken.

De aarde op haar kop

De bewegingen in de buitenkern van de aarde zijn natuurlijk niet constant. Daardoor verandert de richting van het aardmagnetisch veld voortdurend en ligt de plaats van de magnetische polen niet vast. Meestal verhuizen die niet meer dan enkele graden per jaar. Maar ze hebben ook wel eens compleet van plaats gewisseld (omkering). De magnetische lijnen gingen toen opeens bij de geografische zuidpool de aarde in, om er bij de noordpool weer uit te komen. Deze omkering schijnt elke paar honderdduizend jaar opeens plaats te vinden. Dat weten we uit onderzoek naar ijzerhoudende aardlagen. IJzer richt zich namelijk naar het aardmagnetisch veld.

Tijdens de vorming van bepaalde gesteentes, bijvoorbeeld basalt, raken de ijzerhoudende kristallen dus ingesloten volgens de richting van het veld van dat moment. Door nu het magnetisme in oude aardlagen te meten (paleomagnetisme) kunnen we de oude richting van de noordpool volgen.

Schatgraven

Voor het meten van de sterkte van het magnetisch veld en de richting van de magnetische noordpool gebruiken we een zogenaamde magnetometer. Het magnetische veld verschilt van plaats tot plaats omdat de concentratie ijzerrijk materiaal in de korst sterk kan variŽren. Een magnetometer is dus een soort metaaldetector. Je kunt er ijzeren muntjes mee opsporen, of een gesteente rijk aan ijzererts. Hij wordt zelfs gebruikt voor het opsporen van oude, niet ontplofte bommen uit de Tweede Wereldoorlog.