IJsbeer | ![]() |
Feiten en cijfers
IJsbeer in cijfers
gewicht man: 350 tot 600 kilo; record: 1002 kilo gewicht vrouw: 150 tot 400 kilo geboortegewicht: 450 tot 900 gram schouderhoogte (op vier poten): ongeveer 1 meter 40 lengte (zonder staart): ongeveer 2 meter 30; record: 3 meter maximum snelheid: 40 kilometer per uur
IJsbeer onder de loep
Staartje nauwelijks langer dan een potlood. Onder de huid zit een speklaag. Soms zo dik als vijf jaargangen TamTam. Zijn oren zijn rond, klein en dichtbehaard. Zo vriezen ze niet snel van zijn kop. Vooral de mannen hebben een gespierde nek. Ook onder water houdt hij zijn ogen open. Prima neus. Werkt zelfs bij veertig graden onder nul. Sterk, scherp gebit. Kiezen puntiger dan bij bruine beer. De langste haren (tot 25 centimeter) groeien aan de binnenkant van de voorpoten. Grootste deel van de zolen behaard. Goed tegen uitglijden en voor warme voeten. Sterke, kromme nagels. Dodelijk op een zeehondenschedel.
Verspreiding
IJsberen leven het liefst aan de rand van het ijs, bij de zee. Op het kaartje zie je waar ze het meest voorkomen. Hun sneeuwholen liggen meestal op het land.
Lievelingskostje
Het belangrijkste voedsel voor de ijsbeer is: zeehond. Hoe vetter, hoe lekkerder. Als hij genoeg zeehonden kan vangen, eet de ijsbeer alleen het spek en de huid. De rest laat hij liggen. De ijsbeer kan onvoorstelbaar goed ruiken. Bij gunstige wind ruikt hij een zeehond van kilometers afstand, al zegt dat soms ook wel iets over die zeehond. Ook de oren van de ijsbeer zijn prima. Daarmee hoort hij zijn prooi, zelfs als die onder een dikke laag sneeuw verborgen zit.
Tijdens slaap geboren
Ongeveer eens per drie jaar wordt een vrouwtje zwanger. Dan gaat ze al veel eerder slapen. Soms al in oktober. Geen echte winterslaap, want haar lichaamstemperatuur zakt niet zoveel. In geval van nood is ze snel wakker. Maar als ze niet gestoord wordt, slaapt ze lekker door. Waarschijnlijk merkt ze niet eens dat er zo in december jongen geboren worden.
Lopen en zwemmen
De nagels van een ijsbeer wijzen naar binnen. Hij heeft o-benen. Dat staat steviger op glad ijs. Meestal wandelen ijsberen rustig. Maar als het moet kunnen ze verrassend snel zijn: soms wel veertig kilometer per uur. Ook in het koude zeewater voelt de ijsbeer zich als een vis. Met zijn neusgaten dicht en zijn ogen open blijft hij met gemak twee minuten onder. Aan het oppervlak zwemt de ijsbeer wel honderd kilometer zonder te rusten.
IJsbeer leven
Geboren! Blind, kaal en doof. En erg hongerig.
1 week: Mijn broertje en ik groeien hard. Heerlijk, die vette melk.
1 maand: Moeder werd even wakker. Ze likte ons. Nu slaapt ze weer.
2 maanden: Moeder heeft ons hol wat groter gemaakt.
4 maanden: Wat raar! Moeder heeft een gat gemaakt waar lucht en licht doorkomen. Ze steekt soms haar neus naar buiten.
4 1/2 maand: Nu al een week in die nieuwe wereld. Wat groot! En wat leuk! Ik kan al rennen!
5 maanden: Benieuwd waar we heen gaan. Het hol waar ik geboren ben is al dagen niet meer te ruiken.
6 maanden: Heerlijk gespeeld met broer. Daarna weer extra veel gedronken bij ma.
1 jaar: Nu al een paar weken in een hol. Veel slapen. Maar zodra het minder hard stormt gaan we toch weer naar buiten.
2 jaar: Ik kan het! Snuffelen, luisteren, sluipen, wachten en.. toeslaan! Helemaal zelf een zeehond gevangen!
2 1/2 jaar: Al bijna zo groot als moeder. En vet. Komt van al die zeehonden.
3 jaar: Voor het eerst alleen. Wel spannend. Maar ik heb ook wel honger. Al een week niks gevangen.
4 jaar: Ik weet nu hoe het moet. Veel geduld bij de jacht. En niet te veel eisen stellen, meid. Een afgedankte walrus smaakt prima als je honger hebt.
5 jaar: Dit heb ik nog nooit gedaan. Een paar dagen met een prachtkerel opgetrokken. We hebben ook gepaard. Nu is hij weer weg.
6 jaar: Ik snapte er niks van. Word ik wakker, liggen er twee ijsbeertjes op mijn buik. Al zeker twee maanden oud. Het moeten mijn eigen kinderen zijn.
6 1/2 jaar: Ze wijken niet van mijn zij, die twee. Het kost me veel, maar het is het waard. En als iemand ze iets durft te doen, krijgt hij met mij te maken!
9 jaar: De tweede keer in mijn leven. Weer een tweeling. Het blijft toch wel gek dat ze geboren worden als je slaapt.
11 jaar: Wauw! Ik heb twee beloega's gedood. En uit het water gesleept. Die tweede was nog zwaarder dan ikzelf. En wat een schranspartij, daarna!
14 jaar: Iets geks meegemaakt. Een drijvend ding. Er stonden allemaal van die tweepoot-beesten op. Ze roken vreemd. Maar ze keken alleen maar.
15 jaar: Wat een gevecht. En dat allemaal om mij! Twee grote ijsbeer-kerels hadden mijn spoor gevonden. Ze waren aan elkaar gewaagd, dus dat werd knokken. De winnaar is met mij meegegaan.
17 jaar: Wat een feest. Drie dagen lang volvreten. Ik denk dat er wel dertig andere ijsberen bij de dode walvis waren.
18 jaar: Drie jongen deze winter! Da's bijzonder. Kost me ook bijzonder veel energie, trouwens.
22 jaar: Ik had maar één jong deze keer. En die heeft het niet gered. Ik denk dat ik te weinig melk had.
23 1/2 jaar: Een slechte zomer. Het jagen lukt niet meer. Ik ben te traag. Nog wel wat oude prooien gevonden, maar daar zat nauwelijks vet aan.
24 jaar: Voor de eerste keer in mijn leven voel ik kou. En wat een honger. Als ik ga slapen, gaat het wel over. Denk ik
IJsbeer weetjes
Mensen vinden beren lief en om te knuffelen. Maar beren zijn niet dol op mensen. Als die verschijnen, gaan ze meestal snel weg. Je vindt ze daarom alleen in ruige natuurgebieden. Beren lopen plat op hun voeten. Daarom kunnen ze (net als mensen) goed op hun achterpoten lopen. Dat is een grappig gezicht.
Een ijsbeertje van een half jaar is 25 keer zo zwaar als bij zijn geboorte. Als een mensenbaby dat zou flikken, woog een kind van een half jaar honderd kilo.
Als ergens veel voedsel is - zoals een dode walvis of walrus - kunnen daar soms wel honderd ijsberen bij elkaar te vinden zijn. Ruzies zijn zeldzaam.
Volle melk bevat ongeveer 3% vet. IJsbeermelk tien keer zoveel. Ongeveer even romig als melk van een zeehond en een walvis.
IJsbeertanden worden elk jaar iets dikker. Als je de tand van een ijsbeer doorzaagt kun je de jaarringen tellen.
De Inuït (officiële naam van de Eskimo's) kennen de ijsbeer als Nanouk. Niet verwarren met de zangeres.
Poolreizigers van vroeger aten ijsbeervlees. Maar de lever lieten ze liggen. Die is dodelijk giftig.
Een slanke ijsberin in Canada liet de weegschaal uitslaan tot 92 kilo. Nog geen jaar later woog dezelfde dame meer dan vijf keer zo veel: 505 kilo.
Als er iemand zuinig is met energie, is het de ijsbeer. Hij heeft de beste isolatie die je je kunt voorstellen. Een prachtige dichte vacht. Een perfect duikpak van vet. Zo kan onze 'pool-ster' overleven in de wereld van sneeuw, ijs en duisternis.
Warm in de sneeuw
De meeste ijsberen maken voor de winter een sneeuwhol. Als het erg bar weer is, brengen ze daar soms een paar weken of nog langer half duttend door. Binnen in een sneeuwhol schommelt de temperatuur rond het vriespunt. Bovendien is het er windstil.
Van geweer...
Eind jaren zestig leek het erop dat de ijsbeer zou uitsterven, omdat de mensen voor hun plezier ijsberen afschoten. Onder andere op aandringen van het Wereld Natuur Fonds werd de ijsbeer gelukkig in de jaren zeventig beschermd. Nu zijn er weer vijf keer zoveel ijsberen als dertig jaar geleden.
...tot gek weer
Toch is de ijsbeer niet buiten gevaar. Want de mensen verontreinigen het milieu en lozen giftige afvalstoffen in zee. Die stoffen komen in het vet van kleine beestjes terecht, dan van vissen, dan van zeehonden. Uiteindelijk komen die giftige stoffen dus in de ijsbeer terecht. Daar wordt hij ziek van. Een andere bedreiging is de verandering van het klimaat. Doordat we teveel energie gebruiken, wordt het steeds warmer op aarde. Daardoor raakt het weer in de war en gaat het ijs smelten. Als dat gebeurt, komt de ijsbeer nog meer in de problemen.
Zwerven over de pool
Er leven in totaal ongeveer 25.000 ijsberen. Het poolijs smelt in de zomer af en groeit als de winter komt weer aan. De ijsbeer reist met het ijs mee. Soms zelfs letterlijk: dan laten ze zich met ijsschotsen meedrijven.
Op zonne-energie
Een ijsbeer is zwart. Tenminste, als je hem zou scheren. Aan zijn neus kun je dat nog zien. Door die zwarte huid wordt de ijsbeer iets warmer. Dat klinkt gek, maar toch is het logisch. Elke haar van een ijsbeer werkt als een glasvezel: het licht wordt naar de huid vervoerd. En net als in de zon een zwarte auto heter wordt dan een witte, zo warmt een 'zwarte' ijsbeer onder die vacht meer op dan een bleke ijsbeer.
Wandelende voorraadkast
Soms bestaat een ijsbeer voor bijna de helft uit vet. Dan draagt een dier van bijvoorbeeld vijfhonderd kilo meer dan tweehonderd kilo vet onder zijn huid, tussen zijn spieren en tussen zijn ingewanden. Dankzij dat vet kan de ijsbeer als het moet maandenlang zonder eten.
Hoe vetter, hoe beter: Het grote geheim van de ijsbeer zit onder zijn dikke vacht verborgen. Zonder vetlaag zouden ijsberen het nooit redden op de noordpool. Zeker niet in het water. Daar werkt de dikke speklaag als een isolerend duikpak. Net als bij zeehonden.
Vuilwit: Wit is een goede schutkleur op de noordpool. Toch is de vacht van een ijsbeer niet altijd sneeuwwit. Een wit pak wordt nou eenmaal snel vies. Daardoor zijn de meeste ijsberen eerder geel.
Buren van de ijsbeer
De ijsbeer is het opvallendste dier van de noordpool. Hij is de ongekroonde koning van het gebied. Veel dieren blijven alleen maar in de zomer in het noordpoolgebied. Dan schijnt de zon dag en nacht, een half jaar lang. In de winter trekken ze naar zuidelijker gelegen streken, waar het minder koud is.
Walrus
De walrus is een log en ontzettend dik dier. Met zijn snor ziet hij er erg leuk uit. Hij weegt ongeveer 1000 kilo. Een dikke laag spek houdt hem lekker warm. Hij heeft vier afgeplatte vinnen. Daarmee kan hij niet alleen erg goed zwemmen, maar ook lopen op het land. Heel opvallend zijn z'n twee lange slagtanden. Dat zijn z'n bovenste hoektanden. Ze worden soms wel 1 meter lang. Als een ijsbeer erg veel honger heeft, probeert hij wel eens zo'n lekkere dikzak op te eten.
Kleine zeehond
De ijsbeer is er dol op en weet precies wat hij moet doen om de kleine zeehond te vangen. Hij is de kleinste en meest voorkomende zeehond. Een volwassen dier wordt 1.30 tot 1.40 meter lang en weegt niet meer dan 90 kilo. De kleine zeehond leeft 's winters onder het ijs. Daarom maakt hij ademgaten in het ijs. Als het gat groot genoeg is om zich er doorheen te wurmen, kruipt hij op het ijs en maakt een hol in de sneeuw. IJsberen liggen vaak geduldig te wachten bij zo'n ademgat, want ze weten dat het niet lang kan duren of zo'n lekker zeehondje komt daar tevoorschijn.
Rendier
Rendieren zijn de enige herten waarvan ook de vrouwtjes forse geweien dragen. Wel worden de mannetjes soms wel twee keer zo zwaar als de vrouwtjes. Een mannetje kan ruim twee meter lang zijn, anderhalve meter hoog en 300 kilo zwaar. In Amerika heten rendieren kariboes. In de zomer leven ze op de toendra's van de noordpool. Daar krijgen ze ook hun jongen. In de winter trekken ze naar de dichte naaldwouden meer naar het zuiden. Een ijsbeer zal nooit een rendier aanvallen. Niet omdat hij het geen lekker beest vindt, maar omdat hij weet dat hij het toch niet te pakken krijgt. En dus probeert hij het ook maar niet.
Orka
Er bestaan bijna 100 verschillende soorten dolfijnen. De allergrootste dolfijn is de orka. Dolfijnen zijn heel populair, ze behoren tot de toptien van meest geliefde dieren. En dat is niet zo vreemd, want het zijn heel leuke, slimme en geestige dieren. Toch zijn het echte roofdieren en fantastische jagers, net als ijsberen. De orka is een reusachtig beest van bijna 10 meter lang, in het Engels wordt hij 'killer whale' genoemd: moordwalvis. Orka's zoeken graag de koudere zeeën op, want daar vinden ze veel prooidieren: niet alleen vissen, maar ook zeevogels, zeeleeuwen en zelfs kleine walvissen.
Poolvos
De poolvos eet allerlei dierlijk voedsel, waaronder aas. Ook rooft hij de nesten leeg van op de grond broedende vogels. In de winter volgt hij vaak ijsberen. Hij eet dan de resten op van wat die overlaten. Of je ziet hem in de buurt van rendieren of muskusossen, in de hoop dat een van de dieren sterft, zodat hij weer te eten heeft. In zijn doen en laten lijken poolvossen meer op honden dan op vossen. Ze snuffelen overal rond, zijn niet schuw en eigenlijk 'hondsbrutaal'. En alles wat ze kunnen meenemen, slepen ze mee. Echte dieven dus. Maar leuk en mooi is de poolvos wel.

Familie van de ijsbeer
Kodiakbeer
De Kodiakbeer behoort tot de bruine beren. Hij leeft op het eiland Kodiak voor de kust van Alaska. De Kodiakbeer is het grootste nog levende landroofdier. Een mannetje weegt 800 kilo en kan zo'n 3 meter groot worden. Hij eet voornamelijk wortels, maar een keer per jaar doet hij zich tegoed aan zalm, als die in het voorjaar de rivier opzwemt om kuit te schieten.
Lippenbeer
De lippenbeer leeft in de bossen van India, Nepal en Sri Lanka, in tegenstelling tot de kraagbeer vooral in de laagvlakten. Hij voedt zich met termieten, vruchten, suikerriet, bloemen en honing. Hij heeft geen voortanden en een heel lange tong. Deze beer stond model voor beer Baloe uit Junglebook.
Pandabeer
Is de pandabeer nou wel of geen echte beer? De laatste tijd denken de biologen dat de pandabeer wel degelijk tot de echte beren behoort. Dus mag de panda, het symbool van het Wereld Natuur Fonds, op deze pagina bij de echte beren staan. Al is een pandabeer met zijn lengte van 180 cm vergeleken met een ijsbeer maar een kleintje.
Zwarte beer
Vroeger werd er fanatiek gejaagd op zwarte beren, vanwege hun vacht en vlees. Maar tegenwoordig komt hij bijna overal weer voor in de Verenigde Staten. Daar beschouwen ze hem als een soort nationaal symbool. Een andere naam voor de zwarte beer is Baribal. De zwarte beer is gevaarlijk, snel, sterk en nieuwsgierig. Hij eet van alles, van wespennesten tot dennenappels. Door de tekenfilmserie over Yogi Bear is de zwarte beer beroemd geworden over de hele wereld.
Kraagbeer
De kraagbeer leeft in de bergachtige streken van Azië. In het Himalayagebergte komt hij voor tot op 4000 meter hoogte. Hij wordt niet langer dan 150 cm en kan erg dik worden. Hij leeft niet in z'n eentje zoals andere beren, maar samen met een groep andere kraagberen. Het grootste deel van de winter brengt hij door in een nest hoog in de bomen. Alleen bij heel slecht weer houdt hij een winterslaap.

Honingbeer
De honingbeer is een stevige beer, donkerbruin van kleur en met een gele vlek op z'n borst. Hij is de kleinste van de echte berensoorten. Zijn vacht is kortharig, zoals bij een kortharige hond. Staand is hij ongeveer 125 cm groot. Een honingbeer kan erg goed klimmen. Hij leeft in de bossen van Zuidoost-Azië, Sumatra en Kalimantan. En hij wordt honingbeer genoemd, omdat hij...goed geraden!
Bruine beer
De bruine beer leefde 800 jaar geleden in ons land. Nu komt hij voor in Noord-Azië, delen van Europa en Noord-Amerika. De bruine beer is de meest verspreide berensoort. Hij voedt zich met vruchten, noten, wortels, vis en kleine zoogdieren. Bruine beren verschillen sterk in kleur en afmeting van elkaar. Dat hangt samen met het gebied waarin ze leven.
