Home

Poolonderzoek moet licht op vogelgriep werpen

Op Spitsbergen peuteren Nederlandse onderzoekers in vogelpoep en nemen bloedmonsters bij ganzen. Hun werk is bedoeld om te weten te komen hoe ziekteverwekkers zoals het vogelgriepvirus zich in vogelpopulaties kunnen handhaven.

Het is er koud en arm aan leven. Spitsbergen is nou niet bepaald de plek waar je als parasiet of virus moet zijn. Ziekteverwekkers hebben gastheren nodig waarin ze zich kunnen vermenigvuldigen. Nederlandse onderzoekers van het Arctisch Centrum, onderdeel van Rijksuniversiteit Groningen, troffen het afgelopen jaar dan ook geen vogelgriep aan onder de driehonderd brandganzen, drieteenmeeuwen, eidereenden en dikbekzeekoeten die ze bestudeerden. Ze waren allemaal zo fit als een hoentje.

Nederlands onderzoeksstation in Ny-Ňlesund op Spitsbergen, in het meest noordelijke dorp ter wereld.

Nieuw

Het onderzoek naar de gezondheid van vogels is bedoeld om te weten te komen hoe ziekten en parasieten een rol spelen in de verspreiding en grootte van vogelpopulaties, een idee dat vrij nieuw is in de ecologie. Meestal kijkt men naar het voedselaanbod en de aanwezigheid van roofdieren in relatie tot de groei of afname van een bepaalde soort. Zo bleek uit het Groningse onderzoek dat de brandganzen in het studiegebied op Spitsbergen de afgelopen jaren door poolvossen behoorlijk zijn uitgedund; van vijftienhonderd vogels in het jaar 2000 tot slechts vierhonderd vogels nu.

Schattig, maar o-zo-gevaarlijk.

De poolvos is een geduchte vijand van brandganzen.


Veel vragen

De interesse voor vogelziekten komt natuurlijk niet uit de lucht vallen. Sinds de opkomst van de voor de mens gevaarlijke variant van vogelgriep, het H5N1 virus, stellen beleidsmakers er allerlei vragen over. Hoe besmettelijk zijn vogelziekten voor andere diersoorten? Hoeveel dodelijke slachtoffers vallen er onder de vogels en hoeveel vogels overleven de uitbraak van een ziekte? En hoelang is een besmette vogel een gevaar omdat hij de ziekte overbrengt? Onderzoekers springen in het gat van de ontbrekende kennis en proberen antwoorden op de vragen te vinden.

Vogeldokters

Op Spitsbergen ontpoppen de Nederlandse biologen zich samen met buitenlandse collega's als ware vogeldokters. Ze buigen zich over allerlei onderwerpen die met de volgende hoofdvraag te maken hebben; hoe komt het dat er in het hoge noorden zo weinig zieke vogels zijn? Zijn ziektekiemen daar werkelijk zo zeldzaam of overleven alleen gezonde vogels de lange trektocht naar de noorderzon? En als er toch ziekten op Spitsbergen voorkomen, hoe gaan vogels dan daarmee om? In hoeverre proberen ze te voorkomen om ziek te worden door bepaalde plekken te mijden of door zich op een speciale manier te gedragen? En als ze eenmaal ziek zijn, in hoeverre komen ze er weer bovenop? Speciaal voor dit onderzoek is Project Birdhealth in het leven geroepen waarin alles draait om vogels en hun gezondheid. Trekvogels zijn favoriet omdat ze tijdens hun oversteek ziekten en parasieten kunnen verspreiden, waar gevaarlijke ziekten voor de mens tussen zitten.

Vogeldokter op de uitkijk.

Brandgans

Belangrijk studieobject van Project Birdhealth is de brandgans, een vogel die tot veertig jaar geleden uitsluitend in het noordpoolgebied broedde maar dat tegenwoordig ook zuidelijker doet. In de Oostzee en in Nederland zijn nu populaties brandganzen die even groot zijn als op Spitsbergen. In Nederland is het zelfs de snelst toenemende broedvogel.

Toch bestaat het idee dat het gunstig voor de vogels is om tijdens hun broedperiode de kou op te zoeken. Eieren maken en de zorg voor hun jongen kost veel inspanning. Ze zouden energie kunnen sparen door hun afweersysteem op een laag pitje te zetten. Broeden in een omgeving waar ze veel kans lopen om ziek te worden, zou betekenen dat de populatie behoorlijk wordt uitgedund. In het schone en gezonde hoge noorden zijn de vogels dus beter af, is het idee.

Door bloed- en poeponderzoek willen biologen meer zicht krijgen op de ziekteverwekkers waarmee de brandganzen tijdens het broedseizoen in aanraking komen en hoeveel last ze hiervan hebben. De werking van hun afweersysteem moet gaan vertellen hoe gevoelig de dieren zijn voor een besmetting in verschillende fases van hun leven. Aangezien de onderzoekers nu monsters hebben verzameld van ganzen uit zowel noordelijke als zuidelijke gebieden, hopen ze vast te kunnen stellen of broeden in de poolgebieden voordeliger is.

Behoedzaam worden brandganzen door medewerkers van Project Birdhealth naar de kant gedreven om daar te worden onderzocht.

Bloedafname bij geringde brandganzen is nodig om hun afweersysteem te testen en de aanwezigheid van ziekten en parasieten aan te tonen.

Geringde brandgans verdedigt zijn nest.

Behalve het werk aan brandgans gebeurt er nog veel meer Nederlands vogelonderzoek op Spitsbergen.

Bron foto's: www.poolstation.nl

Surf voor meer informatie naar www.pooljaar.nl/vogels of naar www.poolstation.nl

Door: Manon Laterveer - de Beer