Home

Antarctica en klimaatverandering: een rampzalig scenario?

De afgelopen jaren verdwijnen de ijsplateaus van het Antarctisch Schiereiland in snel tempo. De snelheid waarmee dit gebeurt is fenomenaal: in het tijdsbestek van een maand kan een ijsplaat, waarvan is aangetoond dat deze vele duizenden jaren stabiel gedrag heeft vertoond, in zijn geheel verdwijnen.

Smeltend ijs


Op deze satellietopname is het opbreken van het noordelijk deel van Larsen B ijsplateau te zien, in de periode van januari tot maart 2002. Merk op dat precies dat deel van het ijsplateau opbreekt waar smeltwatermeren zichtbaar zijn op 31 januari 2002.

Toename van de temperatuur de hoofdoorzaak

De algemeen geaccepteerde verklaring voor het opbreken is dat door de hogere temperatuur er meer sneeuw smelt aan het oppervlak van de ijsplaten. Dit smeltwater verzamelt zich in meren, zichtbaar als donkere vlekken in de satelliet opname van 25 januari 2002, links in bovenstaande fotoserie. Door de waterdruk worden gletsjerspleten veel dieper, en kunnen uiteindelijk het ijsplateau in zijn geheel verticaal doorklieven. Hierna breekt de ijsplaat op in duizenden kleine stukken, die als een armada van ijsbergen de Weddell Zee indrijven.

Omdat ijsplateaus drijven, hebben ze hun volume in de oceaan al ingenomen en draagt hun opbreken niet bij tot zeespiegelstijging. Het wordt echter aangenomen dat ijsplaten een obstructie vormen voor de gletsjers op het continent, zodat het verdwijnen van ijsplateaus zou kunnen leiden tot het versneld in zee stromen van deze gletsjers, hetgeen de zeespiegel wel laat stijgen.

In 2002 is aangetoond dat deze hypothese klopt: gletsjers die zich landinwaarts bevinden van de voormalige ijsplateaus van het Antarctisch Schiereiland Antarctisch Schiereiland stromen nu tot acht maal zo snel in zee. Al in 1978 werd dit mechanisme onderkend als een potentieel rampzalig scenario: de West-Antarctische ijskap wordt namelijk op zijn plaats gehouden door de Ross- en Filchner/Ronne-ijsplateaus. Het verdwijnen hiervan als gevolg van klimaatverandering zou kunnen leiden tot het in zee verdwijnen van de gehele West-Antarctische ijskap, hetgeen wereldwijd de oceanen met 5-6 meter zou laten stijgen. Dit is voldoende om bijna geheel Nederland onder water te zetten!

In het begin van de†jaren tachtig luidde de consensus in de wetenschap dat het zo'n vaart niet zal lopen, maar de recente gebeurtenissen en het snel warmer worden van de aardse atmosfeer heeft het onderwerp weer vol in de schijnwerpers van de wetenschap gezet.


Auteur: dr. Michiel van den Broeke (Instituut voor Marien en Atmosferisch onderzoek,†Universiteit Utrecht)