Home

Het Oligoceen

In het begin van het Oligoceen verandert de geografische situatie aanzienlijk. Amerika drijft dan sneller van EuraziŽ weg en brengt onze plaat weer in een rekgregime. Het Noordzeebekken daalt daardoor verder, met een nieuwe, zeer grote transgressie in het Rupelien tot gevolg. De zee overspoelt Nederland en de noordelijke helft van BelgiŽ. Het Midden-Nederland-Hoog zakt in en er vormt zich een zeer omvangrijk, relatief ondiep zeegebied tot aan de randen van het Rijns- en het Brabant-Massief.

Paleogeografische kaart van het Oligoceen. De verbinding tussen het Noordzeebekken met het Bekken van Parijs verbreekt door het omhoogkomen van de Hoog van Artois. In een zeer groot, ondiep zeegebied wordt de Rupel Klei afgezet © TNO-NITG

De breuken langs de Roerdalslenk zijn vanaf die tijd zeer actief. De forse daling van deze slenk blijkt duidelijk uit de grote dikte van de opeenvolgende sedimentpakketten in dit slenkgebied. Op de overgang van het Rupelien naar het Chattien daalt de zeespiegel weer scherp. Hoewel minder warm dan het Eoceen, was het Oligoceen gemiddeld toch wat warmer dan tegenwoordig. Aan het eind van dit tijdvak trad een relatief koele periode op, waarbij de zeespiegel ongeveer zestig meter daalde.

Klik hier voor een overzicht van alle perioden uit de algemene geologische tijdschaal.