Home

Zoeken

Zoek in 6438 artikelen


    Nieuwe krabben aan onze kust

    In 1999 en 2000 doken er in de Oosterschelde plotseling twee soorten krabben op die oorspronkelijk langs de oostkust van Azië en in Japan thuishoren. Het zijn de blaasjeskrab, Hemigrapsus sanguineus en de Penseelkrab, Hemigrapsus penicillatus. Beide behoren tot de familie Grapsidae. Vanwege de vierkante vorm van het rugschild worden ze ook wel  Vierkantkrabben genoemd.

    Blaasjeskrab. Foto Bas Kokshoorn, Naturalis.
    Penseelkrab. Foto Joop Verkuil, NOB.

     

    Kenmerken

    Beide soorten worden maximaal 3 cm groot. De blaasjeskrab is wijnrood gemarmerd, de penseelkrab heeft een bruin- tot groengrijze kleur. Bij de mannetjes zijn de scharen groter dan bij de wijfjes. De penseelkrab is behalve door de kleur gemakkelijk van de blaasjeskrab  te onderscheiden door het dotje haren op de scharnieren van de schaar: hieraan ontleent het dier ook zijn naam.

    Zowel de blaasjeskrab als de penseelkrab heeft een vierkant rugschild, zonder uitstekende tandjes tussen de ogen. Aan dit schild zijn ze direct te herkennen en niet te verwarren met andere krabben.

     

    Penseelkrab op zand. Foto Joop Verkuil, NOB.

     

    Concurrentie voor  inheemse soort

    De dieren leven in het getijdengebied en zijn bij laag water te vinden door stenen om te keren. Aangezien ze in dezelfde biotoop leven als onze inheemse strandkrab Carcinus maenas vormen ze waarschijnlijk een geduchte concurrent voor deze soort of kunnen ze hem op termijn zelfs geheel gaan verdringen. Omdat ze vijf keer per jaar eieren kunnen leggen hebben de blaasjeskrab en de penseelkrab veel nakomelingen, in tegenstelling tot de strandkrab die in de regel maar één keer per jaar eieren legt.

     

    Ook al buiten Zeeland

    Tot 2003 waren de blaasjeskrab en de penseelkrab in de Nederlandse wateren uitsluitend bekend van Zeeland, maar in het voorjaar van 2004 blijken beide soorten algemeen voor te komen op het havenhoofd bij Hoek van Holland. Gezien de snelheid waarmee ze zich voortplanten is het niet ondenkbaar dat ze nog deze zomer in Scheveningen, Katwijk, IJmuiden of nog noordelijker gesignaleerd worden.

     

    Hoe zijn de krabben hier gekomen?

    In 1990 is de penseelkrab voor het eerst gevonden in de baai van Biscaye. In 1994 dook de penseelkrab op in La Rochelle aan Franse zuid-west kust, sindsdien heeft hij zijn areaal zowel naar het noorden als naar het zuiden uitgebreid. De zuidelijkste vindplaats is bij Santander aan de Spaanse kust, de noordelijkste is tot op heden Hoek van Holland. De blaasjeskrab is gesignaleerd in de wateren voor Le Havre in Frankrijk en voor de Nederlandse kust. Hoe beide soorten in West Europa verzeild zijn geraakt is onbekend. De mogelijkheid bestaat dat de larven in ballastwater van zeeschepen zijn meegereisd, maar ze kunnen ook hier terecht gekomen zijn met ingevoerde Japanse oesters (Crassostrea gigas).

     

    Geef waarnemingen door

    Naturalis houdt zich aanbevolen voor waarnemingen van deze soort. Mocht u ze buiten de Oosterschelde of langs de Hollandse kust aantreffen, geef uw waarneming dan door aan het Natuur Informatie Centrum van het museum: NIC@naturalis.nnm.nl