Home

Zoeken

Zoek in 6435 artikelen


    Camarasaurus

    In brokstukken en nog gedeeltelijk in steen, kwam de Camarasaurus in 1996 naar Nederland. De 18 meter lange dinosauriër was gevonden in Utah (Verenigde Staten van Amerika) in de zogenoemde Morrison Formation uit het Boven-Jura en zo'n 150 miljoen jaar oud. De brokstukken moesten eerst aan elkaar worden gelijmd en de rest van de fossielen werd uit het gesteente geprepareerd. Ontbrekende delen werden gemodelleerd en het geheel werd op een stalen frame gemonteerd. Al met al is er twee jaar hard gewerkt om Camarasaurus supremus bij de opening van het Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis in april 1998 te kunnen tonen aan het publiek.

    Camarasaurus betekent zoveel als 'gekamerde hagedis.' Deze naam werd door de paleontoloog E.D. Cope in 1877 gegeven vanwege de gewichtsbesparende 'kamers' in de wervels. In fossiele en deels nagebouwde toestand is het skelet waarschijnlijk niet zo licht meer als toen het dier nog leefde. De kamers zijn opgevuld met gesteente en de botten zijn gemineraliseerd. Daardoor weegt één dijbeen nu 265 kg. Het totaal komt op niet minder dan 5 ton.


    Camarasaurus supremus in het Nationaal Natuurhistorisch Museum
    Lichaamskenmerken

    Fossielen van Camarasaurus worden regelmatig gevonden, hoewel er maar enkele volledige beschrijvingen bestaan. Camarasaurus was massief, had een vrij korte hals en staart, betrekkelijk lange voorpoten en hoge schouders. De stand van de rug was vrijwel horizontaal. De kop was relatief klein. De tanden tonen aan dat het een planteneter was die taai voedsel at. Grote oog- en neusholten doen vermoeden dat deze sauropode een goed gezichts- en reukvermogen had.

    De stand van Camarasaurus

    Aan het eind van de negentiende eeuw onstonden er twee theorieën over de aard van dinosauriërs. De ene theorie ging uit van betrekkelijk levendige dieren, de andere van trage, zwaarlijvige en 'domme' dieren. De eerste theorie leverde reconstructies op waarbij dinosauriërs werden afgebeeld in een zeer actieve houding. De tweede theorie was lange tijd dominant. Vanwege de zwaarlijvigheid werd ook verondersteld dat dinosauriërs in het water leefden. Ze werden op hun achterpoten in het water staand afgebeeld. Dit idee werd versterkt doordat de neusopening boven op de snuit zat en dienst zou doen als een snorkel. In deze theorie paste verder koudbloedigheid. Recentere theorieën gaan uit van warmbloedige dieren die veel actiever zijn dan men tot dan toe had aangenomen. Ideeën over het op de achterpoten staan worden nog volop bediscussieerd. Het spectaculaire tafereel van de Camarasaurus die in het Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis op zijn achterpoten is tentoongesteld, laat dan ook vooral de beweging in de wetenschap zien.


    Camarasaurus supremus in het Nationaal Natuurhistorisch Museum