Halfgeknotte strandschelp (Spisula) | ![]() |

De halfgeknotte strandschelp komt in grote aantallen voor langs de hele Noordzeekust. De banken bevinden zich op dieptes rond de 10 meter. Verder op zee komen ze nauwelijks voor. Spisula's zijn voor zwarte zee-eenden het belangrijkste voedsel. Ook eidereenden zoeken spisula's. In Zuid-Europa verwerkt men deze schelpdieren in visgerechten, waarvoor ze onder meer voor de Nederlandse kust worden gevangen. De schelpen spoelen veel aan op de stranden van de Noordzee.
Voedsel voor zee-eenden
Spisula is het belangrijkste voedsel van de zwarte zee-eend. Ook de eidereend gaat op zoek naar strandschelpen als er weinig kokkels te vinden zijn. De spisulabanken boven Schiermonnikoog zijn de laatste jaren vrijwel verdwenen. Het gaat nu vooral om het gebied ten noorden van Ameland en Terschelling en het gebied ten noorden van Petten. Schelpdierbestanden die langs de rest van de kustlijn voorkomen, zoals die in de Voordelta, blijven daardoor vrijwel onaangeroerd (overigens waren deze bestanden in 2000 ook bijna helemaal verdwenen). De spisulabanken ten noorden van met name Terschelling en Ameland leveren voldoende voedsel voor de soms meer dan 100.000 zwarte zee-eenden in het Nederlandse kustgebied.
Namen: |
|
Bron: de Vleet, Ecomare
