Fazant | ![]() |

De fazant is de bekendste in het wild levende hoenderachtige in Nederland, al is het een vogel die hier eigenlijk niet thuis hoort. Hij komt oorspronkelijk uit Azië. Al in de 5e eeuw werd de vogel in Midden- en West-Europa geïntroduceerd als siervogel, en vanaf de 18e eeuw ook voor de jacht. De fazant is een standvogel (trekt niet weg) die zich het best thuis voelt in vochtige, half-open landschappen, met voldoende dekking. Duinbossen zijn dus prima fazantenstekken.
Een fazant kan snel vliegen als hij wordt opgejaagd. Maar verder verplaatsen ze zich voornamelijk lopend.
Groepen fazanten gaan (net als kippen) 's avonds op stok of ze slapen (net als
hazen) op een leger (een beschutte plek op de grond).
Fazanten eten voornamelijk zaden, maar ook eikels, bessen, plantenwortels, slakken, bladluizen, vlinders en kevers, soms ook wel zandhagedissen. Jonge fazanten eten voornamelijk insectjes. Inmiddels mag er niet meer worden gejaagd in de Nederlandse Nationale Parken. Ook mogen geen fazanten meer worden uitgezet. Waar jagen nog wel toegestaan is, is het jachtseizoen voor fazantenhanen van 15 oktober tot en met 31 januari. Voor de hennen is dit één maand korter. |
Namen:
Ned: Fazant
Eng: Pheasant
Fra: Faisan de chasse
Dui: Fasan
Dan: Fasan
Nor: Fasan
Fries: Fazant
Ital: Fagiano colchico
Lat: Phasanius colchicus
Bron: de Vleet, Ecomare

Groepen fazanten gaan (net als kippen) 's avonds op stok of ze slapen (net als