Bio-accumulatie | ![]() |

Voedingsstoffen, slibdeeltjes en giftige stoffen plakken in het water vaak aan elkaar. Met hun voedsel krijgen organismen ook schadelijke stoffen binnen. Het lichaam slaat ze op of scheidt ze uit. Door ze op te slaan kunnen de concentraties van deze giftige stoffen in het lichaam hoog worden, veel hoger dan die in het omringende milieu. Dit verschijnsel heet bio-accumulatie. Hierdoor kunnen roofdieren aan het eind van de voedselketen ( zeehond, roofvissen, vis-etende vogels, de mens) zeer hoge concentraties aan giftige stoffen accumuleren.
Voorbeelden van stoffen die zich op deze manier kunnen opstapelen in de voedselketen zijn PCB's, PAK's, bestrijdingsmiddelen en zware metalen.
Voedselgedrag bepalend voor de mate van bio-accumulatie

In het kader van onderzoek naar de effecten van verontreiniging van de zeebodem op de bodemdieren stelden onderzoekers wadpieren, nonnetjes en mosselen bloot aan met PAK's vervuilde bodems. De wadpieren, die grote hoeveelheden zand en slib eten om aan hun voedsel te komen, hoopten in dit experiment duidelijk het meeste gif in hun lichaam op. In mosselen, die zeewater zeven, waren de PAK-gehaltes beduidend lager. De nonnetjes namen een tussenpositie in. Nonnetjes filteren normaal gesproken ook zeewater, maar gaan over op het afgrazen van de zeebodem als er te weinig voedsel in het water zit.
Een soortgelijk verband werd ook gevonden voor bodemdieren die bloot stonden aan met PCB's vervuilde bodems.
Weblinks:
Onderzoek naar bioaccumulatie in paling en driehoeksmosselen:
http://www.trendsinwater.nl/index.cfm?page=dossier.Monitoringresultaten&artikel=86&zoekveld=&zoek=
Bioaccumulatie, pesticiden en de ziekte van Parkinson:
http://www.kennislink.nl/web/show?id=120489&vensterid=811&cat=60270
Bron: de Vleet, Ecomare
