Nederlandse overheid

betrokkenheid

Binnen de overheid zijn vijf ministeries direct betrokken bij biotechnologie in Nederland. Dit zijn de ministeries van Economische Zaken (EZ), Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV), Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCenW), Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM) en Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Daarnaast is het ministerie van Buitenlandse Zaken (BZ) betrokken bij het beleid over biotechnologie in ontwikkelingslanden.

algemeen standpunt

De overheid ziet de ontwikkelingen van biotechnologie als een wereldwijd verschijnsel dat niet te stoppen is. Omdat zij in deze nieuwe technologie grote kansen ziet voor de samenleving, heeft de overheid er in haar beleid voor gekozen om onderzoek naar en ontwikkelingen in de biotechnologie te stimuleren. Zij vindt het belangrijk dat Nederland een vooraanstaande positie inneemt in de ontwikkeling van kennis over biotechnologie. Daarbij is de overheid wel van mening dat dit op een verantwoorde manier moet gebeuren. De veiligheid voor de volksgezondheid, het milieu en de biodiversiteit staan hierbij voorop, evenals de keuzevrijheid van de consument. Daarnaast spelen ethische overwegingen bij toepassingen van biotechnologie een belangrijke rol.

ethische aspecten

De ontwikkelingen op het gebied van biotechnologie gaan razendsnel en de mogelijkheden lijken eindeloos. Het is daarom de vraag of de samenleving alles wat technisch kan ook aanvaardbaar vindt. De overheid streeft naar een open dialoog over de wenselijkheid van biotechnologische toepassingen.

genetisch veranderen van

dieren

Het genetisch veranderen van dieren is verboden tenzij het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV) hiervoor een vergunning afgeeft. Zo'n vergunning wordt alleen verstrekt wanneer de genetische verandering geen onaanvaardbare gevolgen heeft voor de gezondheid of het welzijn van het dier, ťn er geen zwaarwegende ethische bezwaren voor de toepassing bestaan. Dit wordt het 'nee, tenzij' beleid genoemd.

planten

Voor het genetisch veranderen van planten heeft de overheid een 'ja, mits' beleid opgesteld. Dit houdt in dat het genetisch veranderen van gewassen is toegestaan, mits dit veilig is voor gezondheid en milieu. Een vergunning hiervoor wordt afgegeven door het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM).

micro-organismen

Voor het genetisch veranderen van micro-organismen heeft de overheid een 'ja, mits' beleid opgesteld. Dit houdt in dat het genetisch veranderen van micro-organismen is toegestaan, mits dit veilig is voor gezondheid en milieu. Een vergunning hiervoor wordt afgegeven door het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM).

toepassingen

landbouw en voeding

De overheid is van mening dat biotechnologie kansen biedt voor duurzame landbouw. Zo kan bijvoorbeeld het gebruik van bestrijdingsmiddelen worden teruggedrongen. Ook ziet de overheid mogelijkheden om met behulp van biotechnologie gezondere voedingsmiddelen te produceren. In alle gevallen is het belangrijk om een goede afweging te maken tussen de mogelijke risico's van de toepassing en het maatschappelijk nut.

gezondheidszorg

De overheid is van mening dat biotechnologie in de gezondheidszorg al geleid heeft tot nieuwe methoden voor het voorkomen, opsporen en behandelen van ziekten bij de mens. De verwachting is dat in de toekomst de betekenis van biotechnologie voor de gezondheidszorg zal toenemen.

Toch is het de vraag of alles wat technisch kan ook wenselijk is. Zo heeft de overheid besloten om het kloneren van mensen te verbieden. Het toepassen van dezelfde techniek om weefsel voor transplantatie te kweken id wel toegestaan. Het transplanteren van dierlijke organen naar de mens (xenotransplantatie) is verboden zolang de risicos voor de patiŽnt en de volksgezondheid onaanvaardbaar zijn.

industrie en milieutechniek

Volgens de overheid heeft biotechnologie al geleid tot milieuvriendelijke wasmiddelen en technieken om bodem en afvalwater te zuiveren. Zij verwacht dat er in de toekomst nog meer toepassingen van biotechnologie een belangrijke rol zullen spelen in het milieuvriendelijker maken van processen in de industrie en in de milieusector.

voedselveiligheid

De overheid streeft er naar om de veiligheid van genetisch veranderde voedingsmiddelen zoveel mogelijk te waarborgen. Daarom worden deze producten aan een strenge veiligheidsbeoordeling onderworpen voordat ze op de markt worden toegelaten. De manier waarop dit moet gebeuren, is vastgelegd in de Europese regelgeving. Het volledig uitsluiten van risico's is echter onmogelijk. Wel probeert de overheid de risico's zo klein mogelijk te houden. Dit leidt tot beslissingen die het gevolg zijn van zorgvuldige afwegingen tussen risico's en voordelen.

De overheid heeft de volgende beslissing genomen:

antibioticum-resistentie

Voor het maken van genetisch veranderde gewassen maken wetenschappers gebruik van zogenaamde hulpgenen. De meeste van deze 'hulpgenen' veroorzaken weerstand tegen bepaalde antibiotica. Hoewel tot nu toe niet is aangetoond dat deze genen overgedragen kunnen worden naar ziekteverwekkende micro-organismen die hierdoor moeilijker te bestrijden zijn, heeft de overheid toch besloten om geen genetisch veranderde gewassen meer op de markt toe te laten die dergelijke genen bevatten.

milieuveiligheid

De overheid volgt de Europese regelgeving waarin wordt omschreven onder welke voorwaarden genetisch veranderde gewassen worden toegelaten in het milieu. Er bestaat een strenge veiligheidsbeoordeling die wordt afgenomen voordat de gewassen mogen worden getest of geteeld in het veld. Een toelating wordt alleen verkregen wanneer het risico voor het milieu aanvaardbaar is.

keuzevrijheid

De overheid vindt het belangrijk dat consumenten de keuze hebben tussen voedingsmiddelen die wel of niet genetisch veranderd zijn. Dit moet te lezen zijn op het etiket. Momenteel is dat niet altijd het geval. De overheid zet zich in voor een zo volledig mogelijke etikettering en voor het behoud van een gentech-vrije keten, zodat de consument kan blijven kiezen.

wereldvoedselsituatie

De Nederlandse overheid is van mening dat biotechnologie kansen biedt voor ontwikkelingslanden. De overheid stimuleert daarom projecten die als doel hebben de voedselzekerheid in die landen door middel van biotechnologie te verbeteren. Wel moeten de projecten zijn aangepast aan de kleinschalige landbouw ter plaatse. Verder is de overheid van mening dat ontwikkelingslanden zelf moeten bepalen of ze al dan niet gebruik willen maken van biotechnologie.

octrooien en de positie van bedrijven

Op een uitvinding kan een octrooi worden verleend. Dat geldt ook voor biotechnologische uitvindingen. Andere partijen mogen gedurende de looptijd van het octrooi de uitvinding niet voor commerciŽle doeleinden gebruiken zonder toestemming van de eigenaar.

Een Europese richtlijn zorgt ervoor dat het octrooieren op biotechnologische uitvindingen binnen de Europese Unie op dezelfde manier gebeurt. Hoewel er binnen de Nederlanse politiek weerstand bestaat tegen het verlenen van octrooien op planten en dieren die genetisch veranderd zijn, wordt verwacht dat de Europese richtlijn in de loop van 2002 zal worden ingevoerd.

economische belangen

De overheid is van mening dat biotechnologie belangrijk is voor de toekomst en wil de positie van Nederland op dit vlak versterken. Daarom zal zij de komende tijd veel geld investeren om wetenschappelijk onderzoek en de oprichting van nieuwe biotechnolgiebedrijven mogelijk te maken. Hierbij vindt de overheid het wel belangrijk dat de ontwikkelingen op een verantwoorde manier gebeuren.