vliegende gekko | ![]() |

© Wereld Natuur Fonds
Deze hagedis kan niet echt vliegen, maar heeft huidplooien tussen zijn tenen en zijn poten. Als hij van de ene naar een andere tak springt, spreidt hij zijn tenen en gebruikt zijn poten als een soort parachute. De staart heeft langs de rand plat uitstaande schubben waardoor de vliegende gekko tijdens zijn zweefsprong kan bijsturen.
De vliegende gekko is 's nachts actief. Overdag zit rust hij tegen een stam, met zijn kop omlaag. Daarbij vertrouwt hij op zijn schutkleur, maar zit ook direct klaar om met een zweefsprong te ontsnappen.
| Wetensch. naam | Ptychozoon kuhli |
| Engelse naam | flying gecko; Kuhls flying gecko |
| Verspreiding | Zuidoost-Azië; Indonesië. |
| Voedsel | insecten |
| Lengte | 18 - 20 cm |
| Status | algemeen |
Dit paspoort is afkomstig uit de Dierenbibiliotheek van het WNF
